Betrokkene is sinds 2011 ter beschikking gesteld met dwangverpleging vanwege ernstige delicten waaronder zware mishandeling en vernieling. De tbs is reeds meerdere malen verlengd, de laatste keer in oktober 2024. De rechtbank ontving in september 2025 een vordering van het openbaar ministerie tot verlenging van de tbs met één jaar.
Tijdens de zitting in oktober 2025 werd betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsman, evenals een klinisch neuropsycholoog van de tbs-instelling. De deskundige rapporteerde over de problematiek van betrokkene, waaronder ADHD, antisociale persoonlijkheidsstoornis met borderline kenmerken en ernstige verslavingsproblematiek. Ondanks eerdere resocialisatiepogingen en een periode met proefverlof, vertoonde betrokkene spannings- en gedragsproblemen, waaronder bedreigingen en terugval in middelengebruik.
De tbs-instelling adviseerde verlenging met één jaar, wat de rechtbank volgt. De beslissing over de dwangverpleging wordt aangehouden voor maximaal drie maanden om de reclassering de gelegenheid te geven een rapport op te stellen over mogelijke uitstroomopties, waaronder een voorwaardelijke beëindiging. Tevens wordt verzocht dat de regiebehandelaar bij de volgende zitting aanwezig is om het resocialisatietraject toe te lichten.
De rechtbank acht de vordering ontvankelijk en stelt vast dat het recidivegevaar nog aanwezig is en voortvloeit uit een ziekelijke stoornis. De tbs wordt daarom verlengd met één jaar, terwijl de beslissing over de dwangverpleging wordt geschorst en aangehouden.