Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het rijden van 30 km per uur te hard buiten de bebouwde kom op 4 februari 2023. Tegen deze boete werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, die dit ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelde dat de overtreding vaststaat op basis van de verklaring van de verbalisant en dat betrokkene geen feiten aanvoerde die daaraan twijfelen. Wel werd vastgesteld dat de officier van justitie de beslistermijn met tien weken had verlengd zonder dat betrokkene of zijn gemachtigde de verdadigingsbrief ontvingen, waardoor de beslissing pas op 4 december 2023 werd genomen, ruim na de uiterste beslistermijn van 22 september 2023.
Hierdoor is de redelijke termijn van behandeling van de zaak overschreden, wat recht geeft op matiging van de boete met 25%. Daarnaast is vastgesteld dat de officier van justitie een dwangsom van € 1.442,- verschuldigd is wegens de overschrijding. De boete wordt gematigd tot € 251,25 plus administratiekosten, en het teveel betaalde bedrag moet worden terugbetaald. Ook worden de proceskosten van betrokkene vergoed.
Uitkomst: Boe te hard rijden deels gematigd wegens overschrijding beslistermijn; dwangsom en proceskosten toegewezen.