ECLI:NL:RBZWB:2025:7246
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Van de Merbel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing restantverzoek zorgmachtiging; voortzetting zorg in vrijwillig kader
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 13 oktober 2025 het restantverzoek tot zorgmachtiging voor betrokkene, die verblijft in een psychiatrisch ziekenhuis. De officier van justitie verzocht om verlenging van de machtiging voor zes maanden met diverse vormen van verplichte zorg. Betrokkene gaf aan het momenteel goed te gaan en was bereid in de instelling te blijven om zich voor te bereiden op ontslag naar huis.
De advocaat van betrokkene bepleitte afwijzing van het verzoek, stellende dat de zorg vrijwillig kan worden voortgezet en dat betrokkene verlof naar huis verder kan opbouwen. De zorgverleners bevestigden de positieve situatie en dat medicatie en nazorg geregeld zijn, met een verwachting dat betrokkene binnen een maand naar huis kan.
De rechtbank overwoog dat hoewel betrokkene een psychische stoornis heeft met ernstig nadeel, de noodzakelijke zorg op vrijwillige basis kan worden voortgezet. Betrokkene is bereid medicatie te gebruiken en ambulante behandeling te accepteren. De wettelijke criteria voor een zorgmachtiging zijn daardoor niet meer vervuld.
De rechtbank wees het restantverzoek af en besloot dat de zorg in het vrijwillig kader kan worden voortgezet. De beschikking werd mondeling gegeven en op 27 oktober 2025 schriftelijk vastgesteld. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Het restantverzoek tot zorgmachtiging wordt afgewezen en de zorg kan voortgezet worden in het vrijwillig kader.