Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het UWV omdat dit niet tijdig heeft beslist op de aanvraag tot herbeoordeling van haar (ex-)werkneemster op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA).
De rechtbank stelt vast dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden ondanks ingebrekestelling van eiseres op 13 maart 2023. Omdat het UWV nog geen besluit heeft genomen, bepaalt de rechtbank dat het UWV alsnog binnen een redelijke termijn moet beslissen.
Gezien de achterstand bij het UWV door een tekort aan verzekeringsartsen, acht de rechtbank een termijn van vier maanden redelijk om een zorgvuldige besluitvorming mogelijk te maken. Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van € 100,- per dag met een maximum van € 15.000,- voor elke dag dat het UWV de termijn overschrijdt.
Verder veroordeelt de rechtbank het UWV tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten aan eiseres. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 28 oktober 2025.