De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 15 oktober 2025 een beschikking gegeven tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige, geboren in 2020. De ondertoezichtstelling was eerder verlengd tot 29 oktober 2025 en wordt nu met zes maanden verlengd tot 29 april 2026. De gecertificeerde instelling verzocht om deze verlenging om de complexe echtscheidingssituatie en moeizame communicatie tussen de ouders beter te kunnen begeleiden.
De ouders oefenen gezamenlijk het ouderlijk gezag uit, maar liggen niet op één lijn wat betreft de opvoeding en hebben een groot wantrouwen naar elkaar. De moeder uit zorgen over de mogelijke invloed van de vader vanuit een joods-orthodoxe radicale sekte, terwijl de vader stelt dat hij hier niet langer bij betrokken is. De minderjarige woont bij de moeder en vertoont tekenen van een mogelijk loyaliteitsconflict, wat haar ontwikkeling kan bedreigen.
De kinderrechter stelt dat ondanks de goede ontwikkeling van de minderjarige op school, de conflicten tussen ouders en de onduidelijkheid over de gevolgen van de scheiding reden zijn om de ondertoezichtstelling te verlengen. Er wordt gewerkt aan een nieuw ouderschapsplan en de uitkomsten van een kindbehartiger worden afgewacht. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad en ouders worden aangespoord hun communicatie te verbeteren om de ontwikkeling van de minderjarige te waarborgen.