ECLI:NL:RBZWB:2025:742
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Van der Weide
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering aannemer en toewijzing ontbinding en terugbetaling na ontbinding aanneemovereenkomst
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde een civiele bodemzaak over de ontbinding van een aanneemovereenkomst tussen een opdrachtnemer en twee opdrachtgevers. Na deskundigenbericht werd vastgesteld dat de waarde van de deugdelijk uitgevoerde werkzaamheden inclusief meerwerk €31.798,32 bedroeg, terwijl de herstelkosten €31.444,88 waren. De subjectieve waarde van de prestatie voor de opdrachtgevers werd op nihil gesteld omdat de werkzaamheden door een andere aannemer opnieuw zijn uitgevoerd.
De vordering van de opdrachtnemer werd daarom afgewezen. De rechtbank verklaarde voor recht dat de opdrachtnemer tekortgeschoten is in de nakoming en dat de opdrachtgevers de overeenkomst rechtsgeldig buitengerechtelijk hebben ontbonden per 25 juli 2022. De opdrachtnemer werd veroordeeld tot terugbetaling van €8.055,99 vermeerderd met wettelijke rente vanaf 20 januari 2022.
Daarnaast werden expertisekosten van €3.185,67 en buitengerechtelijke incassokosten van €941,14 toegewezen aan de opdrachtgevers, met bijbehorende wettelijke rente vanaf 28 januari 2023. De proceskosten werden grotendeels aan de zijde van de opdrachtnemer gelegd. Diverse bezwaren van partijen tegen het deskundigenrapport werden gemotiveerd afgewezen.
De rechtbank oordeelde dat het meerwerk onderdeel was van de ontbonden overeenkomst en dat opschorting door de opdrachtnemer niet gerechtvaardigd was. De deskundige had zijn oordeel voldoende onderbouwd en de rechtbank nam dit over. De gevorderde verklaring voor recht betreffende een waarschuwingsplicht werd afgewezen wegens gebrek aan belang.
Uitkomst: Vordering opdrachtnemer afgewezen; ontbinding overeenkomst door opdrachtgevers bevestigd; opdrachtnemer veroordeeld tot terugbetaling en vergoeding van kosten.