Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het UWV omdat het niet tijdig heeft beslist op haar bezwaar tegen de afwijzing van een WIA-uitkering van 13 januari 2025.
De rechtbank constateert dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden ondanks ingebrekestelling op 20 augustus 2025. Het beroep is daarom kennelijk gegrond en de rechtbank bepaalt dat het UWV binnen een nieuwe termijn alsnog moet beslissen.
Hoewel de standaardtermijn twee weken is, acht de rechtbank vanwege de achterstand bij het UWV en het belang van zorgvuldige besluitvorming een termijn van vier maanden redelijk. Tevens legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op bij verdere overschrijding, met een maximum van €15.000.
Daarnaast moet het UWV het griffierecht en proceskosten van eiseres vergoeden. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 30 oktober 2025.