ECLI:NL:RBZWB:2025:7628
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van bezwaar tegen WOZ-beschikking
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een WOZ-beschikking betreffende een onroerend goed, maar trok dit bezwaar later uitdrukkelijk in. Desondanks behandelde de heffingsambtenaar het ingetrokken bezwaar en verklaarde het niet-ontvankelijk. De rechtbank oordeelt dat zodra het bezwaar onherroepelijk is ingetrokken, het bezwaar niet meer aanhangig is en het bestuursorgaan niet bevoegd is om daarop een uitspraak te doen.
De rechtbank benadrukt dat op grond van artikel 7:1 van Pro de Algemene wet bestuursrecht eerst bezwaar moet zijn gemaakt tegen het primaire besluit voordat beroep kan worden ingesteld. Omdat belanghebbende beroep instelde zonder dat er een geldig bezwaar was, is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk.
De uitspraak is gedaan zonder zitting op basis van artikel 8:54 Awb Pro en is openbaar gemaakt. Partijen kunnen binnen zes weken een verzetschrift indienen indien zij het niet eens zijn met deze beslissing.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat geen bezwaar is gemaakt tegen het primaire besluit.