Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene werd een verkeersboete opgelegd wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op 18 januari 2023 te Tholen. Betrokkene stelde dat de gedraging niet had plaatsgevonden en voerde aan dat de verklaring van de verbalisant onvolledig en niet conform instructies was.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de rechtbank. Tijdens de zitting verschenen noch betrokkene noch zijn gemachtigde. De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant voldoende bewijs vormt voor de vaststelling van de gedraging, tenzij er specifieke feiten zijn die twijfel rechtvaardigen, wat hier niet het geval was.
Hoewel de verbalisant zich in privétijd en te voet bevond en daarom geen reële mogelijkheid tot staandehouding had, mag het vasthouden van een mobiel apparaat tijdens het rijden nooit, ongeacht de wijze van gebruik. De boete is daarom terecht opgelegd aan de kentekenhouder. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en de boete blijft van kracht.