Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Stichting Jeugdbescherming Brabant,
Stichting Jeugdbescherming west Zeeland,
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 1 oktober 2025;
- het op 15 oktober 2025 door de Raad ingediende rapport;
- het op 27 oktober 2025 door mr. Stoffels ingediende stuk.
- twee vertegenwoordig(st)ers van JBB;
- twee vertegenwoordigsters van JbwZ.
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
- [minderjarige 1] en [minderjarige 2] ervaren continuïteit in hun opvoedsituatie.
- [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben een moeder die sensitief, responsief en voorspelbaar beschikbaar voor hen is.
- Er is zicht op de ontwikkeling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] en hetgeen zij daar eventueel in nodig hebben.
- Er is bij [minderjarige 1] en [minderjarige 2] aandacht voor het verwerkingsproces rondom het overlijden van de vader en de vader krijgt een blijvende plek in de ontwikkeling van de kinderen.
[datum] 2026 om [uur].
Uiterlijk één week voorafgaand aan de nadere mondelinge behandelingdient de Raad de kinderrechter en de belanghebbenden middels een briefrapport te voorzien van een update over de ontwikkelingen van de dan afgelopen periode, waarbij de Raad ook aangeeft wat dit betekent voor het resterende deel van het verzoek.
6.De beslissing
[datum] 2026 om [uur], bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Middelburg, in het gerechtsgebouw aan Kousteensedijk 2 te Middelburg, ten overstaan van de kinderrechter, mr. Duinhof, voor de duur van 45 minuten;
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.