ECLI:NL:RBZWB:2025:7849
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Van der Burgt
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering inzake legitieme portie en testamentair bewind wegens vervaltermijn
In deze civiele bodemzaak vordert eiser een verklaring voor recht dat gedaagde het testamentair bewind stilzwijgend heeft aanvaard en tot het afleggen van rekening en verantwoording over het bewind. Dit naar aanleiding van een testament waarin de legitieme portie van de dochter onder bewind is gesteld en gedaagde tot bewindvoerder is benoemd.
De dochter is overleden in 2019, en eiser is haar erfgenaam. Eiser stelt dat gedaagde het bewind stilzwijgend heeft aanvaard en dat geen rekening is afgelegd. Gedaagde betwist dit en voert aan dat het recht op de legitieme portie nihil was vanwege eerdere schenkingen en dat het bewind niet is aanvaard.
De rechtbank oordeelt dat de mogelijkheid om aanspraak te maken op de legitieme portie binnen vijf jaar na overlijden van de erflater vervalt indien geen verklaring is afgelegd. Omdat niet is gebleken dat de dochter binnen die termijn aanspraak heeft gemaakt, is het recht op de legitieme portie vervallen. Hierdoor heeft eiser geen belang bij haar vorderingen en worden deze afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vorderingen van eiser worden afgewezen wegens het vervallen van het recht op de legitieme portie binnen de wettelijke termijn.