Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
[aangever 1] zwaar lichamelijk letsel toe te brengen (feit 1). Wel heeft hij partieel vrijspraak gevorderd voor de ten laste gelegde poging tot doodslag, zoals impliciet primair onder feit 1 opgenomen.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De vorderingen van de benadeelde partijen
[aangever 1]vordert een schadevergoeding van € 671,- voor feit 1.
[aangever 3]vordert een schadevergoeding van
[bedrijf 2]vordert een schadevergoeding van € 1.678,25 voor feit 3.
[aangever 2]vordert een schadevergoeding van € 9.350,- voor feit 4.
8.De wettelijke voorschriften
9.Beslissing
een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
dadelijk uitvoerbaarzijn;
een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen van 15 maanden;
€ 671,-te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 10 oktober 2024 tot aan de dag der voldoening;
13 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
[aangever 3] , € 4.262,90te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf
52 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
[bedrijf 2],
€ 1.678,25te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 10 oktober 2024 tot aan de dag der voldoening;
26 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;