Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- [persoon 1] , psychiater;
- [persoon 2] , moeder van betrokkene.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 30 oktober 2025 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging aan betrokkene, die lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, gecombineerd met een licht verstandelijke beperking. Betrokkene verblijft momenteel in een zorgaccommodatie en is onder mentorschap gesteld.
Tijdens de zitting was betrokkene niet bereid zich te laten horen, waarna de behandeling buiten zijn aanwezigheid werd voortgezet. De psychiater en moeder van betrokkene gaven aan dat vrijwillige zorg niet haalbaar is vanwege zijn sterke gerichtheid op autonomie en stress bij opname. Bij medicatiestaking dreigt ernstige psychische decompensatie met suïcidaal gedrag en maatschappelijke overlast.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene ernstig nadeel ondervindt door zijn stoornis en dat verplichte zorg noodzakelijk is om dit te voorkomen. De toegewezen zorgvormen omvatten medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen en opname in een accommodatie, waarbij opname en bewegingsbeperking alleen bij decompensatie mogen worden toegepast.
De zorgmachtiging wordt verleend voor de duur van zes maanden, met het oog op nader onderzoek naar passende zorg- en woonvormen. Het verzoek tot een machtiging voor twee jaar wordt afgewezen. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden voor betrokkene met psychische stoornis en complexe zorgbehoefte.