ECLI:NL:RBZWB:2025:8166

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
31 oktober 2025
Publicatiedatum
21 november 2025
Zaaknummer
C/02/441104 / FA RK 25-5418
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Struijs
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toekenning zorgmachtiging voor verplichte medicatie en contact met FACT-team wegens psychische stoornis

De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 31 oktober 2025 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1995. Betrokkene ervaart psychische problemen, waaronder schizofreniespectrumstoornissen, en weigert medicatie vanwege bijwerkingen. De casemanager FACT bevestigde de noodzaak van verplichte zorg vanwege ernstig nadeel en het ontbreken van vrijwillige instemming.

Tijdens de zitting gaf betrokkene aan geen zorgmachtiging te willen en betwistte de diagnose. De rechtbank oordeelde dat betrokkene niet wilsbekwaam is om over haar zorg te beslissen en dat haar gedrag leidt tot ernstig nadeel, waaronder psychische schade en maatschappelijke teloorgang. Verplichte zorg is noodzakelijk om haar gezondheid te stabiliseren.

De rechtbank verleende de zorgmachtiging voor zes maanden, specifiek voor het toedienen van medicatie en het aanbrengen van beperkingen in haar vrijheid om contact met het FACT-team te waarborgen. Andere gevraagde zorgvormen werden afgewezen wegens gebrek aan noodzaak. De beschikking werd mondeling uitgesproken en schriftelijk bevestigd op 14 november 2025.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden voor het toedienen van medicatie en het waarborgen van contact met het FACT-team.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/441104 / FA RK 25-5418
Datum uitspraak: 31 oktober 2025
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1995 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonende in [plaats] ,
advocaat mr. M. Timmermans-Roelands uit Bergen op Zoom.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt mee in de beoordeling het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 22 oktober 2025.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 31 oktober 2025 op de FACT- [locatie] . Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
  • mevrouw [persoon 1] , casemanager FACT.
Tevens was aanwezig:
- mevrouw [persoon 2] , stagiaire FACT.
1.3.
De officier is zoals hij reeds aangaf in zijn verzoek niet op de mondelinge behandeling verschenen en dus ook niet gehoord.

2.Het verzoek

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden voor de navolgende zorgvormen:
- het toedienen van vocht en voeding;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
  • het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • het beperken van de bewegingsvrijheid;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
  • opnemen in een accommodatie.

3.De standpunten

3.1.
Betrokkene merkt op dat zij momenteel wat last heeft van gevoelens van onrust. Dit heeft er niets mee te maken dat zij met haar medicatiegebruik is gestopt, maar houdt verband met slaapproblemen. Daardoor raakt zij sneller gefrustreerd en krijgt zij last van energie die opborrelt, met als gevolg dat er vervelende gedachten naar boven komen, zoals dat er spullen uit haar woning worden ontvreemd. Ook zorgen deze gevoelens en gedachten er soms voor dat zij gaat schreeuwen. Dat zij op dit moment een mindere periode doormaakt wijt zij ook aan het feit dat zij minder buiten komt, omdat het kouder wordt, haar fiets defect is en zij krap bij kas zit. Het opnieuw starten met het gebruik van de haar voorgeschreven medicatie ziet zij daarvoor niet als een oplossing, met name omdat zij daarvan vervelende bijwerkingen ervaart. Zij raakt daarvan een tijd lang verdoofd, vervolgens ontploft zij als het ware wegens een teveel aan energie. Dit maakt dat zij niet kan instemmen met een zorgmachtiging, als dit betekent dat aan haar verplicht medicatie kan worden toegediend.
3.2.
De casemanager FACT brengt naar voren dat, aansluitend bij de wens van betrokkene om de regie te houden, in januari 2025 is besloten te stoppen met (depot)medicatie en de zorgmachtiging niet te verlengen. In juli 2025 bleken de eerdere symptomen opnieuw de kop op te steken. Betrokkene laat blijken dat zij zich vaker onveilig voelt, ook isoleert zij zich meer en meer van de buitenwereld. Ze is achterdochtig en veroorzaakt overlast door te schreeuwen. Haar dag/nachtritme is verstoord. Er worden geen mogelijkheden gezien om de zorg die betrokkene op dit moment nodig heeft, meer specifiek medicatie, in een vrijwillig kader te bieden, nu betrokkene daar niet voor open staat. Het doel van verplichte zorg is betrokkene opnieuw instellen op medicatie. Dit kan naar verwachting ambulant. Met deze toelichting kan de casemanager FACT achter het verzoek staan, voor zover het betreft de verplichte zorgvormen het toedienen van medicatie en het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten.
3.3.
De advocaat van betrokkene voert aan dat haar cliënt duidelijk is in haar standpunt; zij wil geen zorgmachtiging. Ook is de advocaat uit het voorgesprek gebleken dat betrokkene zich niet herkent in de psychische stoornis, waarvan bij haar sprake zou zijn. Dit geldt in elk geval voor de daarin genoemde middelgerelateerde en verslavingsstoornissen, maar ook voor de overige genoemde stoornissen. Voorts wordt namens betrokkene betwist dat er sprake is van gedrag dat leidt tot het bestaan van of het aanzienlijk risico op ernstig nadeel. Het schreeuwen in de eigen woning is louter bedoeld om ervoor te zorgen dat betrokkene haar overtollige energie kwijtraakt. Verder acht betrokkene zich voldoende wilsbekwaam om zelf beslissingen te kunnen nemen ten aanzien van medicatie. Dat zij de haar voorgeschreven medicatie momenteel niet inneemt komt omdat zij last heeft van vervelende bijwerkingen. Verder accepteert betrokkene de ambulante zorg en werkt zij daar consequent aan mee. Voor die vorm van verplichte zorg is geen zorgmachtiging nodig. Namens betrokkene stelt de advocaat zich daarom primair op het standpunt dat het verzoek dient te worden afgewezen. In het geval dat de rechtbank anders mocht oordelen verzoekt zij namens betrokkene - bij wijze van subsidiair standpunt - de zorgmachtiging te beperken tot alleen het verplicht kunnen toedienen van medicatie en het meer dan wel anders verzochte af te wijzen.

4.De beoordeling

4.1.
De rechtbank verleent de gevraagde zorgmachtiging. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
4.2.
Uit de inhoud van de stukken en de behandeling ter zitting blijkt naar het oordeel van de rechtbank dat bij betrokkene sprake is van één of meerdere psychische stoornissen, te weten in elk geval schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Het enkele feit dat betrokkene betwist dat hiervan sprake is vormt voor de rechtbank geen aanleiding om aan die diagnose te twijfelen.
4.3.
Ook blijkt naar het oordeel van de rechtbank uit de inhoud van de stukken en de behandeling ter zitting dat het gedrag van betrokkene als gevolg van haar stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- ernstige psychische schade;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat bij betrokkene sprake is van toenemende achterdocht, een toenemend gevoel van onveiligheid en van overlast veroorzakend gedrag. Ook isoleert betrokkene zich meer en meer van de buitenwereld. In het verleden heeft decompensatie ertoe geleid dat betrokkene haar woning is verloren en agressief gedrag heeft vertoond naar personen en goederen. Daarbij is zij ernstig gewond geraakt.
4.4.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
4.5.
Betrokkene weigert pertinent de haar voor geschreven medicatie. Anders dan betrokkene acht de rechtbank, met de onafhankelijk deskundige en de behandelaar, betrokkene niet wilsbekwaam als het gaat om beslissingen over de zorg die zij nodig heeft. Het ziektebesef ontbreekt. Daarom is verplichte zorg nodig.
4.6.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat in ieder geval de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, bestaande uit het blijven onderhouden van contact met het ambulante FACT team.
Ondanks het feit dat betrokkene aangeeft op vrijwillige basis contact met het FACT team te willen onderhouden, ziet de rechtbank aanleiding deze zorgvorm op te nemen in de zorgmachtiging, om zodoende veilig te stellen dat aan betrokkene de noodzakelijk geachte medicatie, waartegen zij zich uitdrukkelijk verzet, kan worden toegediend.
Het verzoek van de officier van justitie zal worden afgewezen voor zover dat ziet op de overige verzochte zorgvormen, nu voor het afgeven van een machtiging in zoverre geen noodzaak bestaat.
4.7.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.
4.8.
Met inachtneming van het voorgaande zal de rechtbank een zorgmachtiging verlenen voor de verzochte duur van zes maanden.

5.De beslissing

De rechtbank:
5.1.
verleent een zorgmachtiging voor:
[betrokkene] ,geboren op [geboortedag] 1995 in [geboorteplaats] ,
wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 4.6 staan kunnen worden toegepast;
5.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 30 april 2026;
5.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 31 oktober 2025 door mr. Struijs, rechter, in aanwezigheid van Baremans, griffier, en op schrift gesteld op 14 november 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.