Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor 11 km/u te hard rijden buiten de bebouwde kom op de Brabantweg te Tilburg op 15 november 2021. Betrokkene voerde aan dat de huurder van het voertuig verantwoordelijk was en verwees naar diens gegevens, maar leverde geen bewijs van een geldige huurovereenkomst.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond en de kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens het niet stellen van zekerheid. Na vernietiging door het gerechtshof werd de zaak opnieuw behandeld. De kantonrechter stelde de zekerheid op nihil wegens betalingsonmacht van betrokkene.
De kantonrechter oordeelde dat de boete terecht aan betrokkene als kentekenhouder was opgelegd omdat de uitzondering voor bedrijfsmatige verhuur onvoldoende was onderbouwd. Wel was de hoorplicht geschonden doordat betrokkene niet gehoord was, wat vernietiging van de beslissing van de officier van justitie rechtvaardigt.
Daarnaast was de redelijke termijn van berechting overschreden, omdat de procedure langer dan twee jaar duurde. Daarom matigde de kantonrechter de boete eerst met 25% wegens hoorplichtschending en vervolgens nogmaals met 25% wegens termijnoverschrijding, waardoor de boete werd verlaagd tot €52,88. De teveel betaalde zekerheidstelling moet worden terugbetaald.