Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
Bij de vraag aan wie (voorlopig) het gebruiksrecht van de woning moet worden toegewezen, gaat het om een belangenafweging. Daarbij moeten alle omstandigheden van het geval worden meegewogen.
Vanwege de onrust en meldingen in verband met zorgen is Veilig Thuis meerdere keren betrokken geweest in de afgelopen periode. Uit het e-mailbericht van Veilig Thuis van 7 oktober 2025 (productie 21 van de vrouw) blijkt dat recent, naar aanleiding van een escalatie tussen ouders, veiligheidsafspraken zijn gemaakt met de man en de vrouw. Deze afspraken houden onder andere in dat partijen geen contact hebben met elkaar, op geen enkele manier, de man niet in de woning komt om de rust en veiligheid voor de kinderen te waarborgen, en hij geen contact heeft met de kinderen. Ondanks deze afspraken is de man daarna toch onaangekondigd in de woning verschenen en heeft hij spullen meegenomen. De voorzieningenrechter gaat in dit verband voorbij aan de stelling van de man dat op dat moment de veiligheidsafspraken niet meer golden. Uit de veiligheidsafspraken blijkt namelijk niet van de door de man gesteld beperking in tijd.
De voorzieningenrechter is gelet op al het voorgaande van oordeel dat het belang van de vrouw bij het voorlopig uitsluitend gebruik van de woning groter is dan het belang van de man bij het (mede) gebruik van de daarbij behorende schuur en de garage.
€ 10.000,=.
tot anders wordt bepaald door de vaste casemanager van Veilig Thuis. Vast staat dat dat nog niet is gebeurd. Onderdeel van die veiligheidsafspraken is dat er geen contact is tussen de man en de kinderen. Uit de in r.o. 4.7. hiervoor aangehaalde WhatsApp gesprekken tussen partijen volgt daarnaast van (ook recente) ernstige dreigementen door de man aan het adres van de vrouw en daarnaast is gebleken van onvoorspelbaar gedrag van de man (zoals het onaangekondigd verschijnen in de woning). Bij voornoemde stand van zaken, de ernstig verstoorde communicatie tussen partijen en de naar voren gebrachte veiligheidsrisico’s waarnaar op dit moment door Veilig Thuis nader onderzoek wordt gedaan - en die de man lijkt te bagatelliseren-, ziet de voorzieningenrechter op dit moment en in het kader van deze procedure geen mogelijkheden om een (voorlopige) omgangsregeling vast te stellen. De voorzieningenrechter acht (de veiligheidsafspraak van) voorlopig geen contact tussen de man en de kinderen, gelet op alle zorgen, op dit moment in overeenstemming met de zwaarwegende belangen van de kinderen. Dit betekent dat de voorzieningenrechter geen voorlopige zorgregeling zal vaststellen en de vordering van de man onder 1. zal afwijzen. Partijen hebben aangegeven dat vanuit Veilig Thuis binnen het onderzoek dat zij uitvoert ook aandacht is voor de mogelijkheid van contact tussen de man en de kinderen en de voorzieningenrechter gaat er van uit dat, zodra wordt geconstateerd dat er op een veilige manier, in het belang van de kinderen, contact kan plaatsvinden tussen de kinderen en de man, dat zal worden opgestart.
geencontact met elkaar hebben, op geen enkele wijze (WhatsApp, sms, telefonisch, e-mail etc.), tenzij dit uiterst noodzakelijk is in verband met de kinderen, in welk geval het contact zal plaatsvinden via e-mail. Daarnaast heeft de man toegezegd dat hij de privéfoto’s en -filmpjes van de vrouw die hij in zijn bezit heeft, bij partijen genoegzaam bekend, niet zal verspreiden en niet zal versturen aan anderen. De voorzieningenrechter vertrouwt erop dat partijen zich hieraan zullen houden.