Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 november 2025 in de zaak tussen
Stichting [eiseres] , uit [plaats 1] , eiseres,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veere, verweerder,
de Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid), de Staat.
Samenvatting
.Eiseres krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Wel wordt schadevergoeding toegekend vanwege overschrijding van de redelijke termijn waarbinnen een uitspraak gedaan had moeten worden. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
10 januari 1961 voor dit handhavingsverzoek.
31 mei 2024. [5]
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- veroordeelt de Staat tot een schadevergoeding aan eiseres van € 500,-;
- veroordeelt de Staat tot een schadevergoeding aan de woningeigenaar van € 1.000,-;
- veroordeelt de Staat in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 453,50.