ECLI:NL:RBZWB:2025:8475
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Van de Kraats
- Rechtspraak.nl
Kinderrechter neemt geen beslissing op verzoek minderjarige tot stopzetting informatieregeling met moeder
De minderjarige heeft via de informele rechtsingang verzocht om de informatieregeling waarbij de vader maandelijks informatie over hem aan de moeder verstrekt, te beëindigen. De kinderrechter heeft gesprekken gevoerd met de minderjarige, ouders, de gecertificeerde instelling en de Raad voor de Kinderbescherming. De informatieregeling is onderdeel van een ondertoezichtstelling die loopt tot februari 2026.
De moeder heeft het wettelijk recht op informatie over haar kinderen en maakt bezwaar tegen het verzoek. De gecertificeerde instelling en de Raad erkennen de onrust die de informatieregeling bij de minderjarige veroorzaakt, maar benadrukken dat het recht van de moeder op informatie een fundamenteel recht is dat niet zonder meer kan worden beperkt. De kinderrechter overweegt dat er onvoldoende aanwijzingen zijn om de informatieregeling buiten toepassing te verklaren.
Wel wordt erkend dat de huidige vormgeving van de informatieregeling, met name de betrokkenheid van de minderjarige, hem belast. De kinderrechter roept op tot nadere afspraken om de lasten voor de minderjarige te beperken. Indien geen overeenstemming wordt bereikt, kunnen de gecertificeerde instelling of de vader een juridische procedure starten om de regeling te wijzigen. De kinderrechter acht een bijzondere curator niet nodig vanwege de ondertoezichtstelling en wijst op alternatieven zoals een kindbehartiger.
De beslissing wordt aan de minderjarige op een passende wijze toegelicht door de vader. De informatieregeling blijft voorlopig ongewijzigd en de zaak wordt gesloten met de mogelijkheid voor de minderjarige om contact te zoeken bij vragen.
Uitkomst: De kinderrechter wijst het verzoek van de minderjarige af en laat de informatieregeling ongewijzigd voortbestaan.