Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
medeplegenvan de onder parketnummer 02-315497-23 ten laste gelegde feiten.
de periode van1 april 2023 tot en met 26 november 2023 te
zijnde hennep telkens
ongeveer 1,4 gram van een materiaal bevattende cocaïne,
zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet
behorende lijst I.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
4 feiten onder parketnummer 02-315497-23, en de verkoop van cocaïne op 9 januari 2025 een gevangenisstraf voor de duur van 14 maanden waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en aftrek van het voorarrest.
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.Beslissing
een gevangenisstraf van 137 dagen, waarvan 90 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
een taakstraf van 200 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
100 dagen;
opzettelijk
heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of
afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd,
in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad,
ongeveer 1,4 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal
bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet
behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die
wet;
( art 10 lid 4 Opiumwet Pro, art 2 ahf Pro/ond B Opiumwet )