Uitspraak
1.Het verloop van de zaak
e-mailbericht.
2.De feiten
- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedag 2] 2008 te [geboorteplaats 2] ;
- [minderjarige 1] , geboren op [geboortedag 1] 2014 te [geboorteplaats 1] .
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De zaak betreft een verzoek van een minderjarige via de informele rechtsingang om het hoofdverblijf te wijzigen naar haar vader zodra zij naar het voortgezet onderwijs gaat. De ouders zijn gescheiden en hebben een bestaande zorgregeling waarbij het kind om de week bij een van de ouders verblijft. De minderjarige woont nu om de week bij haar ouders, zit op school in de woonplaats van de vader en wenst daar ook haar voortgezet onderwijs te volgen.
Tijdens de zitting bereikten ouders overeenstemming over het verzoek van de minderjarige. De moeder stemde in met het hoofdverblijf bij de vader vanaf 1 september 2026 en met een zorgregeling waarbij de moeder het kind één weekend per 14 dagen ontvangt, inclusief een gelijke verdeling van vakanties en feestdagen. De Raad voor de Kinderbescherming uitte zorgen over de aanhoudende conflicten tussen ouders en start een beschermingsonderzoek.
De kinderrechter constateert dat het kind klem zit tussen de ouders en dat co-ouderschap niet langer passend is vanwege het ontbreken van samenwerking. De rechter benadrukt het belang van het contact tussen de minderjarige en de moeder en wijst op de noodzaak van ondersteuning via het beschermingsonderzoek. De regeling voor het halen en brengen wordt vastgesteld als gedeeld, waarbij de vader het kind op vrijdag naar de moeder brengt en de moeder het kind op zondag terugbrengt, rekening houdend met de angst van de vader voor de partner van de moeder.
De beschikking wordt gegeven met het oog op het belang van de minderjarige en met instemming van beide ouders, waarbij de rechter tevens een brief aan het kind richt met uitleg over de beslissing en de mogelijkheid tot verdere communicatie met de rechtbank.
Uitkomst: Het hoofdverblijf van de minderjarige wordt per 1 september 2026 bij de vader vastgesteld met een zorgregeling van één weekend per 14 dagen bij de moeder.