Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
Ten aanzien van feit 1
op 31 augustus 2024 te [adres]
opzettelijk van het leven te beroven,
meermalen met één vuurwapen op en/of in de richting van
die [aangeefster] en [medeverdachte 1] en [aangever] en één of meer
aldaar aanwezige personen heeft geschoten,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
op 31 augustus 2024 te [adres] één vuurwapen en munitie van categorie III
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
De ernst van de feiten
De persoonlijke omstandigheden
De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partij
Ten aanzien van de materiële schade
Ten aanzien van de immateriële schade
8.De wettelijke voorschriften
9.Beslissing
een gevangenisstraf van 7 (zeven) jaren;
€ 6.278,37 (zesduizendtweehonderdachtenzeventig euro en zevenendertig cent) waarvan € 278,37 (tweehonderdachtenzeventig euro en zevenendertig cent) aan materiële schadevergoeding en € 6.000,- (zesduizend euro) aan immateriële schadevergoeding, vermeerderd met de wettelijke rente,
vanaf
ten behoeve van het slachtoffer
waarvan € 278,37 (tweehonderdachtenzeventig euro en zevenendertig cent) aan materiële schadevergoeding en € 6.000,- (zesduizend euro) aan immateriële schadevergoeding, vermeerderd met de wettelijke rente,
vanaf 31 augustus 2024tot aan de dag der voldoening;
66 (zesenzestig) dagengijzeling kan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
hij op of omstreeks 31 augustus 2024 te [plaats 1]
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s)
voorgenomen misdrijf om [aangeefster] en/of [medeverdachte 1] en/of [aangever]
[aangever] en/of één of meer aldaar aanwezige perso(o)n(en)
opzettelijk van het leven te beroven,
meermalen met één of meer vuurwapen(s) op en/of in de richting van
die [aangeefster] en/of [medeverdachte 1] en/of [aangever] en/of één of meer
aldaar aanwezige perso(o)n(en) heeft geschoten,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
( art 287 Wetboek Pro van Strafrecht, art 45 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art
47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht )
mocht of zou kunnen leiden:
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s)
voorgenomen misdrijf om aan [aangeefster] en/of [medeverdachte 1] en/of
[aangever] en/of één of meer aldaar aanwezige perso(o)n(en)
opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen,
meermalen met één of meer vuurwapen(s) op en/of in de richting van
die [aangeefster] en/of [medeverdachte 1] en/of [aangever] en/of één of meer
aldaar aanwezige perso(o)n(en) heeft geschoten,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
( art 302 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 45 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht,
art 47 lid 1 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht )
veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
[medeverdachte 1] en/of [aangever] en/of één of meer aldaar
aanwezige perso(o)n(en) heeft bedreigd
met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling,
door meermalen met een vuurwapen op en/of in de richting van die
[medeverdachte 1] en/of [aangever] en/of één of meer aldaar aanwezige
perso(o)n(en) te schieten;
( art 285 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht )
hij op of omstreeks 31 augustus 2024 te [plaats 1]
één of meer (vuur)wapen(s) en/of munitie van categorie III voorhanden
heeft gehad;
( art 26 lid 1 Wet Pro wapens en munitie )