ECLI:NL:RBZWB:2025:8793
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag parkeerbelasting en de verantwoordelijkheid van de parkeerder
In deze uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 11 december 2025, wordt het beroep van een belanghebbende tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting beoordeeld. De belanghebbende had zijn auto aangemeld voor een parkeerplaats in zone 21921, waar een lager tarief geldt dan in de juiste zone 21920. De rechtbank oordeelt dat het selecteren van de verkeerde zone voor rekening van de belanghebbende komt. De rechtbank stelt vast dat de auto op 28 augustus 2024 om 14:06 uur geparkeerd stond aan de Cimburgalaan te Breda, waar alleen tegen betaling van parkeerbelasting mag worden geparkeerd. Tijdens een controle werd geconstateerd dat er geen parkeerbelasting was voldaan, wat leidde tot de naheffingsaanslag van € 63,15. De rechtbank overweegt dat de belanghebbende zijn onderzoeksplicht heeft verzaakt door niet te controleren of de juiste zone was geselecteerd. De rechtbank concludeert dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd en het beroep ongegrond is verklaard. De kosten van de naheffingsaanslag zijn ook niet buitenproportioneel, en de belanghebbende krijgt geen vergoeding van griffierecht of reiskosten.