Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.[eiser 1] ,
[eiser 2] B.V.,
eisende partijen,
1.[gedaagde 1] B.V.,
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
- de pleitnota van [eisers]
- de pleitnota van [gedaagden]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze kortgedingprocedure vorderen eiser 1 en eiser 2 B.V. schadevergoeding van gedaagde 1 B.V. en gedaagde 2 naar aanleiding van een ernstig verstoorde aandeelhoudersverhouding en een schietincident waarbij eiser 1 gewond raakte.
Eiser 1 is bestuurder en enig aandeelhouder van eiser 2 B.V., en samen met gedaagde 1 B.V. aandeelhouder van bedrijf B.V. De verhouding tussen eiser 1 en gedaagde 2 is ernstig verstoord, en onderhandelingen over beëindiging van samenwerking liepen spaak. Na eerdere kortgedingvonnis waarbij gedaagde 1 werd veroordeeld tot betaling aan bedrijf B.V., vorderen eisers nu betaling van meerdere bedragen, waaronder medische kosten en schadevergoeding voor letselschade en waardevermindering van de kermisattractie.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de vorderingen tot betaling aan bedrijf B.V. worden afgewezen omdat bedrijf B.V. geen partij is en de afgeleide schade van aandeelhouders niet aannemelijk is gemaakt. Wel wordt vastgesteld dat gedaagde 2 onrechtmatig heeft gehandeld jegens eiser 1 door het schietincident, en wordt gedaagde 2 veroordeeld tot betaling van € 97.649,66 aan eiser 1 voor medische kosten en een voorschot op letselschade.
De proceskosten worden aan gedaagden opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde 2 wordt veroordeeld tot betaling van medische kosten en voorschot letselschade aan eiser 1; overige vorderingen worden afgewezen.