Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verdere verloop van de procedure
- de moeder;
- een vertegenwoordigster van de Raad;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De moeder is zwanger van een ongeboren baby met uitgerekende datum 27 december 2025. Op 27 november 2025 is de baby voorlopig onder toezicht gesteld van de William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering wegens ernstige bedreiging van de ontwikkeling door de verslavingsproblematiek van de moeder.
Tijdens de zitting op 9 december 2025 gaf de moeder aan gemotiveerd te zijn en sinds juli 2025 geen alcohol meer te gebruiken, zonder terugval. Desondanks blijft de situatie kwetsbaar vanwege eerdere onregelmatigheden in samenwerking met hulpverlening en het risico op terugval bij stress.
De kinderrechter oordeelt dat de moeder onvoldoende in staat is de bedreiging weg te nemen en dat het noodzakelijk is dat de gecertificeerde instelling betrokken blijft om zicht en ondersteuning te bieden. De voorlopige ondertoezichtstelling wordt verlengd van 11 december 2025 tot 27 februari 2026. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de voorlopige ondertoezichtstelling van de ongeboren baby van 11 december 2025 tot 27 februari 2026 vanwege de kwetsbare situatie van de moeder met verslavingsproblematiek.