Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het UWV omdat het niet tijdig heeft beslist op haar aanvraag tot herbeoordeling van de arbeidsongeschiktheid van een voormalige werknemer op grond van de WIA. De rechtbank constateert dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden en dat eiseres het UWV op 12 mei 2023 in gebreke heeft gesteld, waarna twee weken zijn verstreken zonder besluit.
Het UWV heeft verklaard dat de overschrijding te wijten is aan capaciteitsproblemen en het nog niet uitvoeren van het medisch-arbeidskundig onderzoek. De rechtbank weegt het belang van een zorgvuldige besluitvorming tegen het belang van een tijdige beslissing en bepaalt dat een termijn van vier maanden redelijk is om alsnog een besluit te nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van € 100 per dag op voor elke dag dat het UWV de termijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000. Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig nemen van een besluit wordt vernietigd, en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.