In deze uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 22 december 2025, wordt het beroep van belanghebbende B.V. tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van de Belastingdienst beoordeeld. De inspecteur had een naheffingsaanslag van € 2.875 opgelegd wegens een vermeende te lage CO2-uitstoot van een BMW X3. Belanghebbende had eerder aangifte gedaan en een bedrag aan BPM voldaan, maar de inspecteur stelde dat de CO2-uitstoot hoger was dan opgegeven. De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd, maar dat belanghebbende recht heeft op een immateriële schadevergoeding van € 1.500 wegens overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is, maar kent wel schadevergoeding toe aan belanghebbende. De uitspraak is openbaar gemaakt en partijen zijn op de hoogte gesteld van de beslissing.