Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag BPM van € 2.875 opgelegd door de inspecteur, die de CO2-uitstoot van een geïmporteerde BMW X3 op 231 gr/km stelde in plaats van 168 gr/km zoals door belanghebbende opgegeven. De rechtbank oordeelt dat de inspecteur de CO2-uitstoot terecht heeft vastgesteld en dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de netto catalogusprijs van het referentievoertuig uit de koerslijst kan worden gebruikt voor een hogere historische nieuwprijs.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de naheffingsaanslag terecht en niet te hoog is opgelegd. Wel kent de rechtbank een immateriële schadevergoeding van € 1.500 toe wegens een overschrijding van de redelijke termijn van ruim veertien maanden. Deze schadevergoeding wordt verdeeld tussen de inspecteur en de Staat.
Daarnaast wordt belanghebbende een proceskostenvergoeding van € 226,75 toegekend voor het verzoek om immateriële schadevergoeding, te betalen door inspecteur en Staat ieder voor de helft. Het griffierecht wordt niet vergoed omdat de redelijke termijn op het moment van het verzoek nog niet was overschreden.
De uitspraak is gedaan door rechter J.H. Bogert en griffier S.A.C. Deeleman en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch.