ECLI:NL:RBZWB:2025:9301
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen WOZ-waarde en kostenvergoeding taxatierapport gegrond verklaard
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning op €528.000 per 1 januari 2023, waarop de heffingsambtenaar de waarde verlaagde naar €500.000 en een kostenvergoeding van €156 toekende. Belanghebbende vorderde daarnaast een vergoeding voor het taxatierapport van twee uur tegen €53 per uur.
De heffingsambtenaar betwistte de hoogte van deze vergoeding, stellende dat het taxatierapport grotendeels geautomatiseerd was en geen volwaardig rapport betrof. De rechtbank oordeelde dat belanghebbende onvoldoende onderbouwing gaf voor de gevraagde vergoeding en dat een vergoeding van €52 passend is.
Daarnaast werd geoordeeld dat geen vergoeding voor een schriftelijke hoorzitting toegekend kan worden, omdat dit niet als proceshandeling in het Besluit proceskosten bestuursrecht is opgenomen.
De rechtbank vernietigde de uitspraak op bezwaar voor zover deze de kostenvergoeding betreft en bepaalde dat de heffingsambtenaar naast het reeds toegekende bedrag €52 moet vergoeden. Tevens moet de heffingsambtenaar het griffierecht en proceskosten van belanghebbende vergoeden. De proceskostenvergoeding werd verdeeld over twee samenhangende zaken.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de heffingsambtenaar moet een aanvullende kostenvergoeding van €52, het griffierecht en proceskosten vergoeden.