ECLI:NL:RBZWB:2025:9428
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Beschikking
- Kool
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek handlichting minderjarige voor onderneming dropshipping
Een minderjarige van 16 jaar heeft bij de rechtbank een verzoek ingediend om handlichting te verkrijgen, zodat hij als ondernemer bevoegdheden van een meerderjarige kan uitoefenen. Hij heeft een eenmanszaak opgericht die zich richt op dropshipping, met de Poolse markt als doelgroep. De minderjarige heeft een webshop opgezet, maar kan nog niet actief handelen zonder handlichting.
De kantonrechter heeft vastgesteld dat het gezag over de minderjarige bij beide ouders ligt en dat zij instemmen met het verzoek. Tijdens de zitting heeft de minderjarige toegelicht dat de onderneming zich richt op de Poolse markt, waarbij de inkoop automatisch plaatsvindt bij een producent in Azië die ook de levering verzorgt. De moeder van de minderjarige gaf aan dat zij als gevolmachtigde toezicht wil houden en grenzen wil stellen om risico’s en schulden te beperken.
De rechtbank oordeelt dat de risico’s verbonden aan dropshipping aanzienlijk zijn, mede door de complexe Europese regelgeving en het feit dat de minderjarige de Poolse taal niet beheerst. Ook is het onaannemelijk dat de minderjarige als ondernemer consumentenbescherming geniet. De risico’s kunnen onvoldoende worden beperkt, wat het belang van de minderjarige schaadt. Daarom wordt het verzoek tot handlichting afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om handlichting wordt afgewezen omdat het niet in het belang van de minderjarige is.