ECLI:NL:RBZWB:2025:998
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Karsten-Badal
- Rechtspraak.nl
Vergoeding herstelkosten en misgelopen huur na beëindiging huurovereenkomst
In deze civiele bodemzaak vordert verhuurster betaling van herstelkosten en misgelopen huur van huurder, die samen met een andere gedaagde in haar woning heeft gewoond. De procedure tegen de tweede gedaagde is beëindigd na een vaststellingsovereenkomst. Huurder is niet verschenen op de zitting, waardoor verstek is verleend.
De kantonrechter wijst de vorderingen toe zoals gesteld in de dagvaarding, namelijk €17.930,- aan herstelkosten en €5.855,65 aan misgelopen huur, beide vermeerderd met wettelijke rente. Een eiswijziging tot verhoging van de herstelkosten wordt buiten beschouwing gelaten omdat deze niet formeel is ingediend en huurder niet aanwezig was.
De vordering tot buitengerechtelijke incassokosten wordt afgewezen omdat de aanmaningsbrief niet voldeed aan wettelijke vereisten, zoals een correcte termijn en aanzegging van incassokosten. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en huurder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten. Het vonnis is een verstekvonnis waartegen verzet mogelijk is.
Uitkomst: Huurder wordt veroordeeld tot betaling van herstelkosten, misgelopen huur en proceskosten, met afwijzing van incassokosten.