ECLI:NL:RBZWB:2026:1007

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
13 februari 2026
Publicatiedatum
18 februari 2026
Zaaknummer
02.339080.22
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 38e SrArt. 27 Wet Wapens en Munitie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege met twee jaar

Betrokkene is bij vonnis van 29 december 2023 veroordeeld voor poging tot doodslag, bedreiging en handelen in strijd met de Wet Wapens en Munitie, waarbij een tbs-maatregel met verpleging van overheidswege is opgelegd. De tbs is aangevangen op 25 februari 2024.

De tbs-instelling heeft geadviseerd de maatregel met twee jaar te verlengen vanwege de ernstige neurocognitieve stoornissen, psychotische kwetsbaarheid, middelengebruik en posttraumatische stressstoornis van betrokkene. Er is een hoog risico op recidive bij het ontbreken van externe structuur en toezicht. Betrokkene heeft een beperkt ziektebesef en is beperkt leerbaar, waardoor een voorzichtig en stapsgewijs traject noodzakelijk is.

Tijdens de zitting op 30 januari 2026 bevestigde de deskundige het advies en benadrukte het belang van een rustige voortgang met toetsing van afbouw van externe structuur. De officier van justitie steunde de verlenging, terwijl betrokkene aangaf vooruit te willen en de maatregel te lang te vinden.

De rechtbank oordeelt dat de wettelijke criteria voor verlenging zijn vervuld, omdat het recidivegevaar voortvloeit uit een ziekelijke stoornis en het traject nog in een vroeg stadium is. Daarom wordt de tbs met verpleging van overheidswege met twee jaar verlengd.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de tbs met verpleging van overheidswege met twee jaar wegens aanhoudend recidivegevaar en beperkte ziekte-inzicht.

Uitspraak

Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
Strafrecht
Zittingsplaats: Breda
Parketnummer: 02.339080.22
Beslissing van de meervoudige kamer van 13 februari 2026 met betrekking tot de terbeschikkingstelling van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedag] 1987 te [geboorteplaats] (Sierra Leone),
verblijvende in de [kliniek] te [locatie] ,
hierna: betrokkene,
raadsman mr. M.C.J. Heinen, advocaat te Roosendaal.

1.De stukken

Het dossier bevat onder meer de volgende stukken:
- de vordering van de officier van justitie van 18 december 2025, die strekt tot verlenging van de terbeschikkingstelling (hierna: tbs) met verpleging van overheidswege met twee jaar;
- de aantekeningen omtrent de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van betrokkene;
- het verlengingsadvies van de [kliniek] van 8 december 2025.

2.De procesgang

Bij vonnis van deze rechtbank van 29 december 2023 is betrokkene veroordeeld voor poging tot doodslag, bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht en handelen in strijd met artikel 27 van Pro de Wet Wapens en Munitie. Betrokkene heeft een gevangenisstraf van vijftien maanden en tbs met verpleging van overheidswege opgelegd gekregen.
De rechtbank constateert dat het hier gaat om een misdrijf als bedoeld in artikel 38e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.
De tbs is aangevangen op 25 februari 2024.
Tijdens het onderzoek ter openbare terechtzitting van de rechtbank van 30 januari 2026 is de officier van justitie gehoord. Tevens is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsman. Ook is de [deskundige] gehoord.

3.Het advies van de tbs-instelling

De tbs-instelling heeft geadviseerd de tbs te verlengen met twee jaar. Betrokkene is een verstandelijke en emotioneel beperkte man bij wie sprake is van een uitgebreide neurocognitieve stoornis door niet-aangeboren hersenletsel, psychotische kwetsbaarheid en jarenlang middelengebruik. Ook is er sprake van een posttraumatische stressstoornis, van ernstige stoornissen in het gebruik van alcohol en cannabis en een ongespecificeerde schizofreniespectrum- of andere psychotische stoornis.
Binnen de huidige context worden er nog steeds beperkingen gezien in het functioneren van betrokkene. Adequate instelling op medicatie, een gestructureerde omgeving en een passende bejegening zijn de belangrijkste beschermende factoren. Ook abstinentie van middelen is van belang. Wanneer deze externe structuur niet is gewaarborgd, is er een hoog risico op ontregeling en probleemgedrag. Betrokkene heeft externe structuur en toezicht nodig om niet terug te vallen in delict gedrag. Indien de tbs zou worden beëindigd, wordt het risico op recidive dan ook ingeschat als hoog. Het ziektebesef en -inzicht van betrokkene is zeer beperkt en betrokkene wordt gelet op zijn beperkingen beperkt leerbaar geacht. Het is daarom van belang dat vrijheden stapsgewijs worden opgebouwd en worden getoetst. Betrokkene bevindt zich nog midden in de delict gerelateerde fase van de behandeling. Het verdere traject zal volgens de kliniek de termijn van twee jaar ruimschoots overschrijden.
Ter zitting heeft de deskundige het verlengingsadvies bevestigd en daaraan nog toegevoegd dat het met name van belang is dat het traject rustig en voorzichtig verloopt, waarbij telkens wordt getoetst tot welk niveau externe structuur kan worden afgebouwd. Er worden binnenkort kleine stappen gemaakt. Er zal namelijk worden gekeken naar werk en therapie voor betrokkene. Pas daarna kan er toegewerkt worden naar een aanvraag voor begeleid verlof.

4.Het standpunt van partijen

4.1.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie is ter zitting gebleven bij de vordering de tbs met twee jaar te verlengen.
4.2.
Het standpunt van de verdediging
Betrokkene heeft op zitting verklaard dat hij vooruit wil en niet achteruit. Hij wil graag werken en een plek om te wonen en vindt dat de tbs-maatregel te lang duurt.
De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

5.De beoordeling

De tbs kan slechts worden verlengd indien de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de verlenging van de tbs eist. Het recidivegevaar moet nog aanwezig zijn en dient voort te vloeien uit een ziekelijke stoornis en/of een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Gelet op het advies van de tbs-instelling wordt nog steeds voldaan aan deze wettelijke criteria.
Voor de termijn van de verlenging zal de rechtbank het advies van de tbs-instelling volgen. Betrokkene staat nog aan het begin van zijn traject en de eerste verloven zijn nog niet aangevraagd. Het is duidelijk dat het traject in ieder geval nog langer dan één jaar zal duren.
De rechtbank zal de tbs met verpleging van overheidswege dan ook verlengen met twee jaar.

6.De beslissing

De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege van betrokkene met twee jaar.
Deze beslissing is genomen door mr. T.M. Brouwer, voorzitter, en mr. P.A.M. Wijffels en mr. S.C.S. van Bree, rechters, in tegenwoordigheid van A. Luijten, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 13 februari 2026.
Mr. Van Bree en de griffier zijn niet in de gelegenheid om deze beslissing mede te ondertekenen.