ECLI:NL:RBZWB:2026:1037

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
19 februari 2026
Publicatiedatum
19 februari 2026
Zaaknummer
02-249661-25
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Op tegenspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 33b SrArt. 36f SrArt. 77a SrArt. 77g SrArt. 77i Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Minderjarige veroordeeld voor bezit en verspreiding kinderporno met deels vrijspraak

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 19 februari 2026 uitspraak gedaan in de zaak tegen een minderjarige verdachte geboren in 2008, die werd verdacht van meermalen bezit, vervaardiging en verspreiding van kinderporno. De zaak betrof onder meer het versturen van seksueel getinte foto's via Snapchat aan een slachtoffer van negen jaar oud.

De rechtbank achtte bewezen dat verdachte een foto van het slachtoffer in bezit had waarop haar vagina zichtbaar was, en dat hij een foto van zijn ontblote penis aan het slachtoffer had gestuurd. Verdachte werd ook veroordeeld voor bezit van andere kinderpornografische afbeeldingen, maar werd vrijgesproken van het bezit van een eigen naaktfoto die niet als kinderporno werd gekwalificeerd.

De straf bestond uit een leerstraf van 35 uur gericht op seksueel grensoverschrijdend gedrag en een voorwaardelijke jeugddetentie van veertien dagen met een proeftijd van twee jaar. De rechtbank matigde de duur van de jeugddetentie vanwege het lage recidiverisico en legde geen begeleiding door de jeugdreclassering op. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €400 aan het slachtoffer, vermeerderd met wettelijke rente. De rest van de schadevordering werd niet-ontvankelijk verklaard en kan bij de burgerlijke rechter worden ingediend.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot leerstraf en voorwaardelijke jeugddetentie, deels vrijgesproken en veroordeeld tot schadevergoeding van €400 aan slachtoffer.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht
Zittingsplaats: Breda
parketnummer: 02-249661-25
Vonnis van de meervoudige kamer van 19 februari 2026
in de strafzaak tegen de minderjarige
[verdachte] ,
geboren op [geboortedag] 2008 te [geboorteplaats]
wonende [woonplaats] ,
raadsvrouw mr. S.E.C. Segeren-Krijnen, advocaat te Breda.

1.Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld met gesloten deuren op de zitting van 5 februari 2026, waarbij de officier van justitie, mr. L. van Hemert, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2.De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte meermalen kinderporno heeft gemaakt, in het bezit heeft gehad en kinderporno heeft verstrekt en vertoond aan een minderjarige jonger dan zestien jaar.

3.De voorvragen

De dagvaarding is geldig.
De rechtbank is bevoegd.
De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.
Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.

4.De beoordeling van het bewijs

4.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het vervaardigen en in het bezit hebben van kinderporno. Zij acht dan ook de feiten wettig en overtuigend bewezen.
4.2
Het standpunt van de verdediging
De verdediging is van mening dat de rechtbank niet tot een bewezenverklaring kan komen van het onder feit 1 ten laste gelegde. Niet kan worden vastgesteld dat verdachte een foto van het slachtoffer in het bezit heeft gehad die te kwalificeren is als kinderpornografisch. Ten aanzien van de bewezenverklaring van feit 2 refereert de verdediging zich aan het oordeel van de rechtbank. Ten aanzien van de feiten 3 en 4 is aangevoerd dat verdachte deze afbeeldingen van derden heeft gekregen. De afbeeldingen zijn aangetroffen op zijn telefoon en deze feiten kunnen dan ook bewezen worden verklaard.
4.3
Het oordeel van de rechtbank
4.3.1
De bewijsmiddelen
De bewijsmiddelen zijn in bijlage II aan dit vonnis gehecht.
4.3.2
De bijzondere overwegingen met betrekking tot het bewijs
Ten aanzien van de feiten 1 en 2
Op 21 januari 2024 heeft verdachte via Snapchat contact gehad met [slachtoffer] die op dat moment negen jaar oud was. Uit het onderzoek naar de telefoon van [slachtoffer] blijkt dat het gesprek tussen hen seksueel getint was en zowel [slachtoffer] als verdachte heeft een foto gestuurd.
Verdachte heeft eerst van zijn ontblote penis een foto gemaakt en deze aan [slachtoffer] gestuurd, hetgeen hij ook bekent. Verdachte wist dat [slachtoffer] jonger dan zestien jaar was. Vervolgens heeft [slachtoffer] een foto van haar vagina gemaakt en deze naar verdachte gestuurd via Snapchat. [slachtoffer] heeft aan haar moeder in het bijzijn van haar tante verteld dat zij een foto van haar vagina aan verdachte heeft gestuurd.
Feit 1
De rechtbank is van oordeel dat niet alleen wettig maar ook overtuigend bewezen kan worden dat verdachte een foto van [slachtoffer] in zijn bezit heeft gehad waarop haar vagina te zien was. Op basis van de bewijsmiddelen kan ook worden vastgesteld dat deze foto van [slachtoffer] een seksuele strekking had terwijl [slachtoffer] negen jaar oud was. Deze foto kan dan ook worden gekwalificeerd als kinderpornografisch.
Feit 2
Aangezien verdachte ten aanzien van dit een bekennende verklaring heeft afgelegd en ter zake daarvan geen vrijspraak is bepleit, zal worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering.
De rechtbank acht de feiten wettig en overtuigend bewezen, gelet op:
- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 5 februari 2026;
- het proces-verbaal van bevindingen betreffende digitaal onderzoek Samsung Galaxy A51, pagina 140 van het eindproces-verbaal.
Feiten 3 en 4:
De rechtbank stelt allereerst vast dat het hier om één en hetzelfde feitencomplex gaat, maar dat er vanwege de invoering van nieuwe wetgeving per 1 juli 2024 (Wet Seksuele Misdrijven) twee afzonderlijke feiten ten laste zijn gelegd, waarbij feit 3 de periode vóór 1 juli 2024 betreft en feit 4 de periode vanaf 1 juli 2024.
Op de telefoon van verdachte (Samsung Galaxy A51) zijn verschillende afbeeldingen aangetroffen waaronder een afbeelding die door verdachte van zichzelf is gemaakt. Op deze afbeelding staat verdachte volledig naakt geposeerd en zijn penis is zichtbaar. Hoewel verdachte minderjarig is, heeft hij zelf deze foto gemaakt. Niet kan worden vastgesteld dat daarbij anderen betrokken waren. Ook kan niet worden vastgesteld dat de foto schadelijk is voor verdachte zelf, dat hij deze betreffende foto heeft verspreid en dat er sprake is van een seksuele gedraging op deze foto. Al deze omstandigheden in aanmerking nemende is de rechtbank van oordeel dat deze afbeelding niet te kwalificeren is als kinderpornografisch als bedoeld in het Wetboek van Strafrecht. De rechtbank zal verdachte dan ook partieel vrijspreken van het deel van de tenlastelegging dat betrekking heeft op deze afbeelding.
Ten aanzien van de overige afbeeldingen stelt de rechtbank vast dat deze kinderpornografisch zijn, hetgeen ook niet in geschil is. Verdachte betwist weliswaar de foto van de baby te kennen, maar de afbeelding is op zijn telefoon(s) aangetroffen.
Aangezien verdachte verder ten aanzien van dit feit een bekennende verklaring heeft afgelegd en ter zake daarvan geen vrijspraak is bepleit, zal worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering.
De rechtbank acht de feiten wettig en overtuigend bewezen, gelet op:
- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 5 februari 2026;
- het proces-verbaal van bevindingen betreffende digitaal onderzoek Samsung [telefoon], pagina 126 en 130 van het eindproces-verbaal;
- het proces-verbaal van bevindingen betreffende digitaal onderzoek Samsung Galaxy A51, pagina 140 van het eindproces-verbaal.
4.4
De bewezenverklaring
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte
op 21 januari 2024 te [woonplaats] ,
- een afbeelding te weten een foto en/of
- een gegevensdrager, te weten een mobiele telefoon (Samsung Galaxy A51), bevattende
eenafbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten [slachtoffer] , geboren op [2015] , was betrokken heeft verworven en in bezit gehad,
welke voornoemde seksuele gedraging bestond uit:
het geheel of gedeeltelijk naakt poseren van een persoon die kennelijk
de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, waarbij
vandeze persoon nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel in beeld gebracht
wordt(waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling.
2. op 21 januari 2024 te [woonplaats] een afbeelding, waarvan de vertoning schadelijk was te achten voor personen beneden de leeftijd van zestien jaar, te weten een foto van zijn ontblote penis, heeft verstrekt en vertoond aan een minderjarige, van wie
hij, verdachte, wist dat deze jonger was dan zestien jaar, te weten [slachtoffer] , geboren op [2015] .
3. in de periode van 1 januari 2024 tot en met 30 juni 2024 te [woonplaats] , althans in Nederland, meermalen, telkens
-meer afbeelding(en) te weten foto's en video’s en gegevensdragers, te weten een mobiele telefoon (Samsung [telefoon])
en een mobiele telefoon (Samsung Galaxy A51), bevattende afbeeldingen
van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar
nog niet had bereikt, is betrokken in bezit heeft gehad en zich daartoe met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft,
welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:
-het met een penis vaginaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en
-het met de vinger penetreren van het eigen lichaam door een persoon
die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt
(afbeelding 2 ( [bestandsnaam 1] ) en
[bestandsnaam 2] .mp4 en/of [bestandsnaam 3] .webp van toonmap)
waarbij de afbeeldingen aldus telkens een onmiskenbaar seksuele
strekking hebben en strekken tot seksuele prikkeling.
4. in de periode van 1 juli 2024 tot en met 20 november 2024 te
[woonplaats] , althans in Nederland, meermalen, meer visuele weergaven van seksuele aard en met onmiskenbaar seksuele
strekking waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet
had bereikt, was betrokken in bezit heeft gehad en zich daartoe de toegang heeft
verschaft te weten een mobiele telefoon (Samsung [telefoon]) en een mobiele telefoon (Samsung Galaxy A51), waarop te zien is dat:
die persoon vaginaal wordt gepenetreerd met een penis en
het eigen lichaam vaginaal wordt gepenetreerd met een vinger, door die
persoon
(afbeelding 2 ( [bestandsnaam 1] ) en/of
[bestandsnaam 2] .mp4 en/of [bestandsnaam 3] .webp van toonmap).
De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.
Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

5.De strafbaarheid

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.
Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.

6.De strafoplegging

6.1
De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie vordert aan verdachte op te leggen een leerstraf van 35 uur in de vorm van Tools4U verlengd Plus, met module seksueel grensoverschrijdend gedrag en daarnaast een geheel voorwaardelijke jeugddetentie van één maand met een proeftijd van twee jaar met toezicht en begeleiding van de jeugdreclassering.
6.2
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft verzocht in de strafmaat rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Op basis van de nieuwe wetgeving (per 1 juli 2024) is het mogelijk dat afgeweken kan worden van het taakstrafverbod indien de inbreuk op de lichamelijke integriteit niet dusdanig ernstig is. De verdediging is van mening dat in deze een oplegging van een leerstraf en een voorwaardelijke werkstraf passend is.
6.3
Het oordeel van de rechtbank
Aard en ernst van het feit
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het in het bezit hebben van kinderporno en het versturen en tonen van een naaktfoto aan een negenjarig slachtoffer. Verdachte wist dat het slachtoffer zo jong was. Ondanks die wetenschap is hij met haar een seksueel getint gesprek aangegaan op Snapchat en hebben zij foto’s van hun geslachtsdeel uitgewisseld. Door dit handelen heeft verdachte een inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer. Hij heeft hierbij geen enkele rekening gehouden met de gevolgen en gevoelens van het slachtoffer. Verder is op de telefoon van verdachte kinderpornografisch materiaal aangetroffen dat afkomstig was van derden. Ook dit is een ernstig feit. Verdachte houdt door het downloaden en bezitten van dergelijke kinderporno een kinderpornomarkt in stand waar kinderen seksueel worden misbruikt. Voor dit alles heeft verdachte geen oog gehad en is hij enkel gericht geweest op zijn eigen behoeftebevrediging. Dat rekent de rechtbank hem aan.
Persoon van verdachte
De rechtbank heeft er kennis van genomen dat verdachte geen strafblad heeft en niet eerder is veroordeeld voor het plegen van een strafbaar feit.
Uit het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) van 21 januari 2026 komt naar voren dat bij verdachte sprake is van verminderde cognitieve vermogens. Het recidiverisico wordt geschat op laag. De Raad heeft op diverse domeinen van het leven van verdachte geen zorgen. Wel acht de Raad het nodig om in te zetten op hulpverlening ten aanzien van seksualiteit. Dit om te voorkomen dat verdachte ooit nog dergelijke feiten zal plegen. De Raad acht dan ook de leerstraf Tools4U verlengd plus met de module seksueel overschrijdend gedrag passend. Ook adviseert de Raad in plaats van een voorwaardelijke jeugddetentie een voorwaardelijke werkstraf op te leggen. Een jeugddetentie zal te zwaar zijn en teveel druk opleveren voor verdachte. De Raad kan zich voorstellen dat aan het voorwaardelijke strafdeel een toezicht door de jeugdreclassering wordt gekoppeld om het geleerde in de leerstraf op te volgen en verdachte verder te begeleiden. Tegelijkertijd blijkt dat er weinig ruimte is om met verdachte in gesprek te gaan, dus de vraag is of het een meerwaarde zal hebben.
Taakstrafverbod
Gelet op het taakstrafverbod van artikel 77ma van het Wetboek van Strafrecht kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een (voorwaardelijke) jeugddetentie.
De op te leggen straf
De rechtbank is van oordeel dat gelet op alle feiten en omstandigheden van deze zaak oplegging van een leerstraf (Tools4U seksueel overschrijdend gedrag) van 35 uur en een voorwaardelijke jeugddetentie met een proeftijd van twee jaar onder de algemene voorwaarde passend en geboden is. Niet is gebleken dat verdachte zich na 2024 nog schuldig heeft gemaakt aan soortgelijke feiten. De rechtbank ziet om die reden aanleiding om de duur van de voorwaardelijke jeugddetentie te matigen tot twee weken. De rechtbank ziet voorts geen meerwaarde in de begeleiding door de jeugdreclassering, gezien het lage recidiverisico.

7.Het beslag

De inbeslaggenomen voorwerpen worden onttrokken aan het verkeer. De voorwerpen zijn hiervoor vatbaar en het wordt passend geacht om die voorwerpen te onttrekken aan het verkeer, omdat de bewezen feiten met behulp van voornoemde voorwerpen zijn begaan.

8.De benadeelde partij

De benadeelde partij [slachtoffer] vordert een schadevergoeding van € 1.500,00 immateriële schade voor feiten 1 en 2.
8.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie acht de vordering voldoende onderbouwd en voor toewijzing gereed.
8.2
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft aangegeven dat onvoldoende is onderbouwd dat het slachtoffer psychische schade heeft ondervonden van het feit. Ook is de uitspraak uit de Smartengeldgids (Rechtbank Noord-Holland, 5 september 2024) geen vergelijkbare zaak met deze zaak nu het daar ging om een meerderjarige dader tegenover een kind en waarbij gedreigd werd de afbeeldingen openbaar te maken. Verdachte heeft het slachtoffer nimmer onder druk gezet of bedreigd. De verdediging verzoekt dan ook de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in de vordering dan wel deze af te wijzen.
8.3
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank heeft hiervoor overwogen dat bewezen is dat verdachte feiten 1 en 2 heeft gepleegd. Door het plegen van deze feiten is [slachtoffer] in haar persoon aangetast en kan worden vastgesteld dat zij als gevolg daarvan nadelige gevolgen heeft ondervonden of wellicht in de toekomst zal ondervinden. Gelet op de aard en de ernst van de normschending en de gevolgen daarvan voor [slachtoffer] is sprake van een aantasting in de persoon op andere wijze. Dit betekent dat [slachtoffer] aanspraak kan maken op een vergoeding van immateriële schade.
Rekening houdend met alle omstandigheden ziet de rechtbank echter wel aanleiding om de hoogte van het bedrag te matigen. De omvang kan de rechtbank niet nauwkeurig vaststellen, waardoor de hoogte wordt geschat. De rechtbank acht in deze zaak een bedrag van 400,00 billijk. De rechtbank zal dit bedrag vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van
21 januari 2024.
Voor het overige is de rechtbank van oordeel dat feiten en omstandigheden die tot toewijzing van het gevorderde bedrag zouden kunnen leiden niet voldoende vast staan, nu (de omvang van) de schade onvoldoende is onderbouwd.
Verdere behandeling van dat deel van de vordering levert naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafgeding op, zodat de benadeelde partij voor dat deel niet-ontvankelijk in haar vordering zal worden verklaard. Dat deel van de vordering kan bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.
De rechtbank zal tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen tot betaling van het toegekende schadebedrag. Dit betekent dat het CJIB de inning zal verzorgen. Omdat verdachte minderjarig was ten tijde van de gepleegde feiten, zal de duur van de gijzeling op 0 dagen worden vastgesteld.

9.De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 33b, 36f, 77a, 77g, 77i, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z, 77gg, 240a (oud), 240b (oud) en 252 van het Wetboek van Strafrecht zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

10.De beslissing

De rechtbank:
Bewezenverklaring
- verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
Strafbaarheid
- verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:
feit 1:een afbeelding/gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, verwerven/in bezit hebben;
feit 2:een afbeelding, bevattende een afbeelding waarvan de vertoning schadelijk is te achten voor personen beneden de leeftijd van zestien jaar, verstrekken/vertonen aan een minderjarige van wie hij weet, dat deze jonger is dan zestien jaar
feit 3:een afbeelding/ gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, in bezit hebben en met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang daartoe verschaffen;
feit 4:een visuele weergave van seksuele aard/met een onmiskenbaar seksuele strekking, waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, is betrokken, in bezit hebben en zich de toegang daartoe verschaffen;
- verklaart verdachte strafbaar;
Strafoplegging
- veroordeelt verdachte tot
een jeugddetentie van veertien dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
- bepaalt dat deze jeugddetentie niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat verdachte voor het einde van de proeftijd na te melden voorwaarde niet heeft nageleefd;
- stelt als
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- veroordeelt verdachte tot
een leerstraf, te weten Tools4U seksueel grensoverschrijdend gedrag van 35 uren;
- beveelt dat indien verdachte de leerstraf niet naar behoren verricht,
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast van
zeventien dagen;
Beslag
- verklaart verbeurd de volgende voorwerpen:
- 1 STK Telefoontoestel
(Omschrijving: PL2000-2024140468-2795910, Samsung)
1. STK Telefoontoestel
- ( Omschrijving: PL2000-2024140468-2795892, Blauw, merk: Samsung)
Benadeelde partij
T.a.v. feiten 1 en 2:
- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij
[slachtoffer]van
€ 400,00, aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf
21 januari 2024tot aan de dag der voldoening;
- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot nu toe begroot op nihil;
- verklaart de benadeelde partij in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk en bepaalt dat de vordering voor dat gedeelte bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;
- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer
[slachtoffer] , € 400,00te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf
21 januari 2024tot aan de dag der voldoening;
- bepaalt dat bij niet betaling
0 dagengijzeling kan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd.
Dit vonnis is gewezen door mr. D.H. Hamburger, voorzitter, mr. W. Toekoen en N. van der Hoeven, kinderrechters, in tegenwoordigheid van S. Boink, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 19 februari 2026.
Mr. N. van der Hoeven en de griffier zijn niet in staat dit vonnis mede te ondertekenen.

11.Bijlage I

De tenlastelegging
1. hij op of omstreeks 21 januari 2024 te [woonplaats] en/of [plaats] ,
althans in Nederland,
meermalen, althans eenmaal,
- een of meer afbeelding(en) te weten foto's en/of
- (een) gegevensdrager(s), te weten een mobiele telefoon (Samsung [telefoon])
en/of een mobiele telefoon (Samsung Galaxy A51), bevattende afbeelding(en)
van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien
jaar nog niet had bereikt, te weten [slachtoffer] , geboren op [2015] , was
betrokken of schijnbaar was betrokken
heeft vervaardigd en/of verworven en/of in bezit gehad,
welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit:
het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk
de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of
opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of in een erotisch getinte houding
(op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of (waarna) door het
camerastandpunt, de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze
persoon en/of de uitsnede van de foto's/film(s) nadrukkelijk het (ontblote)
geslachtsdeel, de borsten en/of billen in beeld gebracht worden (waarbij) de
afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot
seksuele prikkeling;
(art 240b lid 1 Wetboek van Strafrecht, art 240b lid 2 Wetboek van Strafrecht)
2 hij op of omstreeks 21 januari 2024 te [woonplaats] en/of [plaats] ,
althans in Nederland een afbeelding, een voorwerp en/of een gegevensdrager
bevattende een afbeelding, waarvan de vertoning schadelijk was te achten voor
personen beneden de leeftijd van zestien jaar, te weten een foto van zijn ontblote
penis, heeft verstrekt, aangeboden en/of vertoond aan een minderjarige, van wie
hij, verdachte, wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze jonger was dan
zestien jaar, te weten [slachtoffer] , geboren op [2015] ;
(art 240a Wetboek van Strafrecht)
3 hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2024 tot en met 30 juni 2024 te
[woonplaats] , althans in Nederland,
meermalen, althans eenmaal,
telkens
- een of meer afbeelding(en) te weten foto's en/of video’s en/of films en/of
- (een) gegevensdrager(s), te weten een mobiele telefoon (Samsung [telefoon])
en/of een mobiele telefoon (Samsung Galaxy A51), bevattende afbeeldingen
van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar
nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken
heeft verworven en/of in bezit gehad en/of zich daartoe door middel van een
geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de
toegang heeft verschaft,
welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:
-het met een penis vaginaal penetreren van het lichaam van een persoon die
kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of
-het met de vinger/hand anaal penetreren van het eigen lichaam door een persoon
die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt
(afbeelding 2 ( [bestandsnaam 1] .custom_stickers.0) en/of
[bestandsnaam 2] .mp4 en/of [bestandsnaam 3] .webp van toonmap)
-het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk
de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of
opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of in een erotisch getinte houding
(op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of waarbij deze persoon
zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar
kleding ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt, de (onnatuurlijke) pose
en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/film(s)
nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen in beeld gebracht
worden (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele
strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling
(afbeeldingen ‘ [verdachte] ’ ( [bestandsnaam 4] .jpg en/of
[bestandsnaam 5] ), afbeelding 1
( [bestandsnaam 6] ) en/of [bestandsnaam 7] van
toonmap)
(art. 240b lid 1 Wetboek van Strafrecht)
4 hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2024 tot en met 20 november 2024 te
[woonplaats] , althans in Nederland,
meermalen, althans eenmaal,
een of meer visuele weergaven van seksuele aard en/of met onmiskenbaar seksuele
strekking waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet
had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken
heeft verworven en/of in bezit heeft gehad en/of zich daartoe de toegang heeft
verschaft
te weten
een mobiele telefoon (Samsung [telefoon]) en/of een mobiele telefoon (Samsung
Galaxy A51),
waarop te zien is dat:
die persoon vaginaal wordt gepenetreerd met een penis
en/of
het eigen lichaam vaginaal wordt gepenetreerd met een vinger/hand, door die
persoon
(afbeelding 2 ( [bestandsnaam 1] .custom_stickers.0) en/of
[bestandsnaam 2] .mp4 en/of [bestandsnaam 3] .webp van toonmap)
en/of
die persoon poserend of in een pose is afgebeeld, waarbij
- die persoon geheel of gedeeltelijk naakt is en/of gekleed is en/of
opgemaakt is en/of in een omgeving en/of met een voorwerp en/of in
een (erotisch getinte) houding op een wijze die niet bij zijn/haar leeftijd past
en/of
- door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze
van kleden van die persoon en/of de uitsnede van de foto’s/films
nadrukkelijk het geslachtsdeel, de borsten en/of billen van die persoon in beeld
worden gebracht
(afbeeldingen ‘ [verdachte] ’ ( [bestandsnaam 4] .jpg en/of
[bestandsnaam 5] ), afbeelding 1
( [bestandsnaam 6] ) en/of [bestandsnaam 7] van
toonmap)
(art 252 Wetboek Pro van Strafrecht)