ECLI:NL:RBZWB:2026:104

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
12 januari 2026
Publicatiedatum
12 januari 2026
Zaaknummer
BRE 23/3727
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen kennisgeving kostenvergoeding in belastingrechtelijke zaak

In deze uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 12 januari 2026, wordt het beroep van belanghebbende B.V. tegen de kennisgeving kostenvergoeding van de inspecteur van de Belastingdienst behandeld. De kennisgeving betreft een financiële uitkomst van een eerdere uitspraak van de rechtbank Den Haag van 11 februari 2021. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen deze kennisgeving, maar de inspecteur heeft het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk ongegrond is en doet uitspraak zonder zitting, zoals mogelijk gemaakt door artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank stelt vast dat de kennisgeving kostenvergoeding niet als een voor bezwaar vatbare beschikking kan worden aangemerkt, en dat er geen aanleiding is voor een proceskostenveroordeling. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst belanghebbende op de mogelijkheid om het geschil voor te leggen aan de burgerlijke rechter.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 23/3727

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 januari 2026 in de zaak tussen

[belanghebbende] B.V., uit [woonplaats] , belanghebbende

(gemachtigde: [gemachtigde] ),
en

de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van belanghebbende tegen de bestreden uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 6 juni 2023 over de kennisgeving kostenvergoeding van 18 maart 2021.
1.1.
Omdat het beroep kennelijk ongegrond is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. De inspecteur heeft een kennisgeving kostenvergoeding toegezonden aan belanghebbende naar aanleiding van een uitspraak van de rechtbank Den Haag van 11 februari 2021. De kennisgeving is een mededeling van de financiële uitkomst van de uitspraak.
2.1.
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de kennisgeving. De inspecteur heeft het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.
2.2.
In beroep voert belanghebbende aan tegen de rentebeschikking in de kennisgeving op te komen.
2.3.
In het belastingrecht geldt een gesloten stelsel van rechtsmiddelen. Dat betekent dat alleen bezwaar kan worden gemaakt en beroep kan worden ingesteld tegen beslissingen die in de belastingwetgeving zijn aangemerkt als voor bezwaar vatbaar. De kennisgeving kostenvergoeding is niet als zodanig aan te merken. Een rentebeschikking is niet opgenomen in de betreffende brief.
2.4.
De inspecteur heeft het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is kennelijk ongegrond.
2.5.
Belanghebbende kan het geschil met de inspecteur voorleggen aan de burgerlijke rechter op de in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bepaalde wijze.
2.6.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.H.W. Steijn, rechter, in aanwezigheid van
mr. W. Dekkers, griffier, op 12 januari 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier rechter
De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is bekendgemaakt. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.