ECLI:NL:RBZWB:2026:106
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op bezwaar forensenbelasting
In deze uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 12 januari 2026, wordt het beroep van de belanghebbende tegen de heffingsambtenaar van de gemeente Oisterwijk beoordeeld. De belanghebbende had bezwaar gemaakt tegen de aanslag forensenbelasting voor een specifiek object, maar stelde dat de heffingsambtenaar niet tijdig had beslist op zijn bezwaar, ingediend op 4 juli 2025. De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, omdat de ingebrekestelling door de belanghebbende op 20 augustus 2025 prematuur was. De beslistermijn voor de heffingsambtenaar eindigde op 31 december 2025, en aangezien de ingebrekestelling te vroeg was verzonden, kon de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordelen. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.H.W. Steijn, rechter, in aanwezigheid van mr. W. Dekkers, griffier, en is openbaar gemaakt op www.rechtspraak.nl.