ECLI:NL:RBZWB:2026:1184
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen niet-ontvankelijkverklaring huishoudelijke ondersteuning gegrond verklaard
Eiser diende een aanvraag in voor huishoudelijke ondersteuning en individuele begeleiding. Het college kende hem een bepaalde hoeveelheid uren toe, maar verklaarde het bezwaar van eiser niet-ontvankelijk omdat het bezwaarschrift buiten de bezwaartermijn was ingediend.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaarschrift, hoewel ontvangen op de tweede werkdag na de termijn, geacht moet worden tijdig ter post te zijn bezorgd, omdat er geen feiten zijn die het tegendeel aannemelijk maken. Hierdoor was het college onterecht overgegaan tot niet-ontvankelijkverklaring.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en droeg het college op binnen zes weken een nieuwe beslissing te nemen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
De zitting vond plaats zonder aanwezigheid van eiser en zijn gemachtigde, maar met vertegenwoordiging van het college. De uitspraak werd openbaar gemaakt en partijen geïnformeerd over de mogelijkheid tot hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het college wordt opgedragen een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen.