Eiser heeft beroep ingesteld tegen het UWV omdat het niet tijdig heeft beslist op zijn aanvraag van 2 juni 2025 voor een WIA-uitkering. De rechtbank stelt vast dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden en dat eiser het UWV op 6 augustus 2025 in gebreke heeft gesteld.
De rechtbank bepaalt dat het UWV binnen vier maanden na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen, gelet op het belang van zorgvuldige besluitvorming en de huidige tekorten aan verzekeringsartsen. Voor elke dag dat het UWV de termijn overschrijdt, wordt een dwangsom van € 100,- opgelegd, met een maximum van € 15.000,-.
Daarnaast moet het UWV het griffierecht van € 53,- en proceskosten van € 467,- aan eiser vergoeden. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 15 januari 2026. Partijen kunnen binnen zes weken verzet instellen tegen deze uitspraak.