ECLI:NL:RBZWB:2026:1323

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
30 januari 2026
Publicatiedatum
2 maart 2026
Zaaknummer
C/02/444238 / FA RK 26-344
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • De Beer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging voor betrokkene met psychische stoornissen en verslavingsproblematiek

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 30 januari 2026 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1998, voor de duur van twaalf maanden. De machtiging volgt op een verzoek van de officier van justitie en betreft verplichte zorg vanwege een psychische stoornis en ernstig nadeel.

Tijdens de zitting, die zonder betrokkene plaatsvond, werden de advocaat van betrokkene, een psychiater en een medewerker van het FACT-team gehoord. De psychiater lichtte toe dat betrokkene lijdt aan schizofreniespectrumstoornissen, neurobiologische ontwikkelingsstoornissen en verslavingsstoornissen, wat leidt tot ernstig nadeel zoals psychische en materiële schade, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang.

De medewerker van het FACT-team benadrukte de problematiek rond drugsgebruik en het onvermogen van betrokkene om zelfstandig te functioneren. De rechtbank concludeerde dat vrijwillige zorg niet mogelijk is omdat betrokkene de stoornis ontkent en medicatie weigert. Daarom is verplichte zorg noodzakelijk, waaronder medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen, toezicht en opname in een accommodatie.

De rechtbank achtte de toegewezen zorgvormen evenredig en effectief, en wees minder bezwarende alternatieven af. De machtiging geldt tot en met 30 januari 2027 en kan worden aangevochten via cassatie.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden met verplichte zorgmaatregelen vanwege ernstige psychische stoornissen en verslavingsproblematiek.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/444238 / FA RK 26-344
Datum uitspraak: 30 januari 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1998 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [woonplaats] ,
advocaat mr. M. Kalle uit Middelburg.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 21 januari 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 30 januari 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • de advocaat van betrokkene;
  • dhr. [naam] , als psychiater verbonden aan Emergis;
  • een medewerker van het FACT-team.
1.3.
De rechtbank heeft bij aanvang van de zitting geconstateerd dat betrokkene niet aanwezig was. De advocaat van betrokkene heeft aangegeven dat betrokkene nadrukkelijk niet wil worden gehoord. De rechtbank heeft vervolgens, met instemming van de advocaat, de zitting buiten aanwezigheid van betrokkene voortgezet.

2.Wat vaststaat

2.1.
De rechtbank heeft een machtiging verleend tot en met 10 februari 2026.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.

4.De standpunten

4.1.
Namens betrokkene is door de advocaat naar voren gebracht dat betrokkene geen zorgmachtiging wil. Hij is van mening dat er geen sprake is van een psychische stoornis en ernstig nadeel. Betrokkene kan het prima zelf. Desalniettemin gaat betrokkene er vanuit dat het verzoek toegewezen wordt, maar het liefste heeft hij geen verplichte zorg. De advocaat heeft geen opmerkingen over de vormen van verplichte zorg indien het verzoek wordt toegewezen. Ter zitting is voldoende toegelicht dat een opname voorzienbaar is.
4.2.
De psychiater geeft tijdens de zitting aan dat de zorg heel langzaam op gang is gekomen. Na het toedienen van depot en het creëren van een bepaalde stabiliteit is betrokkene minder psychotisch geworden. Betrokkene wisselt steeds van beschermde woonvorm, wegens zijn gedrag en de mensen die bij hem over de vloer komen. Voorafgaand aan de laatste opname was sprake van schulden, seksuele uitbuiting en ook werden spullen ontvreemd door mensen die betrokkene over de vloer kreeg. Betrokkene is een kwetsbaar persoon. Bepaalde zorgvormen zijn noodzakelijk in het geval van opname.
4.3.
De medewerker van het FACT-team geeft tijdens de zitting aan dat betrokkene niet de vaardigheden heeft om zich buiten op straat staande te houden. Het is nog altijd lastig het verblijf van betrokkene binnen de woonvorm haalbaar te houden. Betrokkene dient zich aan bepaalde afspraken te houden. Het drugsgebruik van betrokkene blijft een probleem. Wanneer hij veel gebruikt krijgt hij psychotische belevingen. Hij toont ambivalentie en weet geen weerstand te bieden tegen het gebruik van drugs. Een langere opname bij [kliniek] is mogelijk. Er is sprake van traumatische herbelevingen, waarbij betrokkene gaat schreeuwen, boos wordt en met spullen gaat gooien.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, neurobiologische ontwikkelingsstoornissen (o.a. verstandelijke beperkingen en autismespectrumstoornissen), middel gerelateerde en verslavingsstoornissen.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige immateriële schade;
- ernstige financiële schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- ernstige verstoorde ontwikkeling;
- bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat betrokkene onder invloed van een ander raakt;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.4.
Ten tijde van de vorige opname was bij betrokkene sprake van toenemende onrust, schreeuwen en agressie richting spullen. Ook wordt overlast veroorzaakt door de mensen die bij betrokkene over de vloer kwamen. Hierdoor voelden medebewoners zich onveilig en is betrokkene al meermaals van woonvorm moeten veranderen. Daarnaast is betrokkene zeer kwetsbaar.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.6.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene is van mening dat geen sprake is van een psychische stoornis en ernstig nadeel. Verplichte zorg is voor hem niet nodig. Betrokkene wil geen medicatie innemen. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.7.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles,
bij opname in de accommodatie;
- het beperken van de bewegingsvrijheid,
bij opname in de accommodatie;
- insluiten,
bij opname in de accommodatie;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene,
bij opname in de accommodatie;
- onderzoek aan kleding of lichaam,
bij opname in de accommodatie;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen,
bij opname in de accommodatie;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen,
bij opname in de accommodatie;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1998 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.7 staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 30 januari 2027;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 30 januari 2026 door mr. De Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. Oude Weernink, griffier en op schrift gesteld op 18 februari 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.