ECLI:NL:RBZWB:2026:1378

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
25 februari 2026
Publicatiedatum
4 maart 2026
Zaaknummer
11942277 \ CV EXPL 25-3831
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verzet
Rechters
  • Van der Lende-Mulder Smit
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet tegen verstekvonnis wegens ongeldige zorgovereenkomst onder bewind

Infomedics had een vordering ingesteld tegen een onder bewind gestelde persoon, die niet was verschenen, waarna een verstekvonnis werd uitgesproken. De bewindvoerder kwam in verzet tegen dit vonnis en stelde dat Infomedics onterecht de betrokkene zelf had gedagvaard in plaats van de bewindvoerder, en dat de zorgovereenkomst niet geldig was omdat de betrokkene niet zelfstandig over haar vermogen mocht beschikken.

De kantonrechter oordeelde dat Infomedics inderdaad de verkeerde partij had gedagvaard en dat het verstekvonnis daarom vernietigd moest worden. Daarnaast werd de vordering inhoudelijk beoordeeld, waarbij werd vastgesteld dat de zorgovereenkomst niet geldig was omdat de betrokkene onder bewind stond en de bewindvoerder niet had ingestemd met de overeenkomst.

Infomedics had dit verweer niet weersproken, waardoor de vordering werd afgewezen. Infomedics werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten van zowel de verstekprocedure als de verzetprocedure, inclusief wettelijke rente. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard, het verstekvonnis vernietigd en de vordering van Infomedics afgewezen wegens het ontbreken van een geldige zorgovereenkomst onder bewind.

Uitspraak

RECHTBANKZEELAND-WEST-BRABANT
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Middelburg
Zaaknummer: 11942277 \ CV EXPL 25-3831
Vonnis van 25 februari 2026
in de zaak van
[bewindvoerder] B.V., T.H.O.D.N. [handelsnaam] , in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [naam],
te [plaats],
opposante,
hierna te noemen: de bewindvoerder,
gemachtigde: mr. C.L.J. Beljaarts,
tegen
INFOMEDICS B.V., ALS RECHTSOPVOLGER VAN DE BESLOTEN VENNOOTSCHAP INFOMEDICS FACTORING B.V., MEDE H.O.D.N. INFOMEDICS, UWNOTA.NL, DFA SERVICES EN INFORMEDICS DFA,
te Almere,
geopposeerde,
hierna te noemen: Infomedics,
gemachtigde: Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding in verzet
- het antwoord in oppositie
- de akte van de bewindvoerder.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Bij dagvaarding van 1 juli 2025 heeft Infomedics vorderingen ingesteld tegen [naam] (zaak/rolnr. 11813651 \ CV EXPL 25-2607).
2.2.
[naam] is in die procedure niet verschenen. Zij is bij verstekvonnis van 30 juli 2025 veroordeeld tot betaling aan Infomedics van € 1.067,31 aan hoofdsom, buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente tot 19 juni 2025, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 juni 2025. Verder is zij veroordeeld tot betaling van € 663,28 aan proceskosten van Infomedics.
2.3.
De (toekomstige) goederen van [naam] zijn onder beschermingsbewind gesteld sinds 14 juli 2014. Het bewind is sinds 18 juli 2014 gepubliceerd in het Curatele- en bewindregister. De bewindvoerder is bewindvoerder sinds 1 december 2018.

3.Het geschil

3.1.
De bewindvoerder is in verzet gekomen tegen het verstekvonnis. Zij vordert haar verzet gegrond te verklaren, het verstekvonnis te vernietigen en opnieuw rechtdoende, de vordering van Infomedics af te wijzen en Infomedics te veroordelen in de proceskosten.
3.2.
De bewindvoerder stelt dat Infomedics al voor het moment waarop zij [naam] dagvaardde, wist of in ieder geval had moeten weten dat voor [naam] bewind was ingesteld. Infomedics heeft de verkeerde partij gedagvaard en had daarom niet in haar vordering kunnen worden ontvangen. Verder stelt zij dat de vordering van Infomedics moet worden afgewezen, omdat de zorgovereenkomst waarop zij is gebaseerd ongeldig is.
3.3.
Infomedics is akkoord met het vernietigen van het verstekvonnis. Zij wil hiervoor haar eigen (proces)kosten dragen. Zij stelt dat voor zover de bewindvoerder recht heeft op een vergoeding van proceskosten, deze maximaal één punt van het liquidatietarief mag bedragen.

4.De beoordeling

4.1.
Met partijen is de kantonrechter van oordeel dat Infomedics niet [naam] kon dagvaarden. Zij had de bewindvoerder als formele procespartij in rechte moeten betrekken. Infomedics had niet kunnen worden ontvangen in haar vordering tegen [naam] . Dat is al reden het verstekvonnis te vernietigen.
4.2.
De kantonrechter overweegt daarnaast echter dat, als zij in de aanvankelijke procedure ambtshalve van de onderbewindstelling van [naam] had geweten, zij Infomedics in de gelegenheid zou hebben gesteld de bewindvoerder alsnog als formele procespartij in de procedure te betrekken. Ook kan worden aangenomen dat als de bewindvoerder van de dagvaarding tegen [naam] had geweten, zij in de procedure zou zijn verschenen om verweer te voeren, waarna zij alsnog als formele procespartij zou zijn aangemerkt. Infomedics zou in die situaties dus niet niet-ontvankelijk zijn verklaard en de vordering zou inhoudelijk worden beoordeeld. Dat kan ook nu.
4.3.
Infomedics vordert betaling van de kosten van de zorg die aan [naam] is verleend door een zorgaanbieder. In de verzetdagvaarding voert de bewindvoerder aan dat [naam] vanwege het bewind niet bevoegd was zelfstandig over haar vermogen te beschikken. Zij had de zorgovereenkomst dus niet zelf mogen sluiten en de bewindvoerder heeft niet met de zorgovereenkomst en de daaruit voortvloeiende betalingsverplichting ingestemd. De zorgovereenkomst is daarom niet geldig. De bewindvoerder voert verder aan dat zij de ongeldigheid ook aan de zorgaanbieder kan tegenwerpen, omdat deze wist of had moeten weten van het bewind, aangezien het is gepubliceerd in het Curatele- en bewindregister.
4.4.
Infomedics heeft het voorgaande niet weersproken.
4.5.
Op grond van het hiervoor onder 4.3 aangehaalde en niet weersproken verweer van de bewindvoerder, ligt het voor de hand dat de kantonrechter de vordering van Infomedics op inhoudelijke gronden had afgewezen. De zorgovereenkomst waarop die vordering berust is niet geldig en kan de vordering niet dragen. De kantonrechter ziet hierin aanleiding in deze verzetprocedure de vordering van Infomedics alsnog af te wijzen, zoals door de bewindvoerder gevorderd.
4.6.
Door de vernietiging van het verstekvonnis en de afwijzing van de vordering van Infomedics komen de proceskosten van de verstekprocedure voor rekening van Infomedics. De bewindvoerder wordt geacht in die procedure geen kosten te hebben gemaakt, omdat zij daarin niet is verschenen. Infomedics dient haar eigen kosten te dragen.
4.7.
In deze verzetprocedure wordt Infomedics in het ongelijk gesteld. Daarom moet zij de proceskosten (inclusief nakosten) van deze procedure betalen. De proceskosten van de bewindvoerder worden vastgesteld op:
- kosten van de dagvaarding
120,78
- griffierecht
0,00
- salaris gemachtigde
144,00
(1 punt × € 135,00)
- nakosten
72,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
336,78
4.8.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
verklaart het verzet tegen het verstekvonnis van 30 juli 2025 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, cluster I civiele kantonzaken, locatie Middelburg, met zaak/rolnr. 11813651 \ CV EXPL 25-2607 gegrond, vernietigt dit vonnis en opnieuw rechtdoende:
5.2.
wijst de vordering van Infomedics af,
5.3.
veroordeelt Infomedics in de proceskosten van deze verzetprocedure, waarvan € 336,78 te betalen aan de bewindvoerder binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Infomedics niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.4.
veroordeelt Infomedics tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Van der Lende-Mulder Smit en in het openbaar uitgesproken op 25 februari 2026.