ECLI:NL:RBZWB:2026:1572
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening last onder dwangsom wegens ontbreken spoedeisend belang
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen een last onder dwangsom die door de burgemeester van Bergen op Zoom is opgelegd. Hij stelt dat deze last zijn bewegingsvrijheid ernstig beperkt en dat het besluit te lichtvaardig is genomen. De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, Awb besloten de zaak zonder zitting te behandelen.
De voorzieningenrechter benadrukt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden toegekend indien er sprake is van onverwijlde spoed. Verzoeker heeft onvoldoende onderbouwd dat er een spoedeisend belang bestaat. Het gebiedsverbod geldt weliswaar voor de hele gemeente, maar de last onder dwangsom beperkt zich tot specifieke handelingen met betrekking tot middelen als bedoeld in de Opiumwet.
De voorzieningenrechter oordeelt dat zolang verzoeker zich niet schuldig maakt aan deze handelingen, de last geen directe gevolgen heeft voor zijn bewegingsvrijheid. Bovendien kan verzoeker tegen een opgelegde dwangsom rechtsmiddelen aanwenden en eventueel opnieuw een voorlopige voorziening verzoeken bij financiële problemen.
Daarom wordt het verzoek afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de last onder dwangsom wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.