ECLI:NL:RBZWB:2026:1644

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
9 februari 2026
Publicatiedatum
12 maart 2026
Zaaknummer
C/02/444368 / FA RK 26-419
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Tempel
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing zorgmachtiging voor verlenging verplichte geestelijke gezondheidszorg

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 9 februari 2026 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1961, voor de duur van twaalf maanden. Het verzoek tot verlenging van de zorgmachtiging werd ingediend door de officier van justitie en betrokkene stond neutraal tegenover het verlenen ervan. Tijdens de zitting werden betrokkene en een casemanager gehoord, waarbij werd vastgesteld dat betrokkene stabiel is maar wisselend in zijn wens om medicatie af te bouwen.

De rechtbank constateerde dat betrokkene lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, bipolaire stemmingsstoornissen en andere DSM-5 stoornissen die ernstig nadeel veroorzaken, zoals lichamelijk letsel, psychische schade, maatschappelijke teloorgang en risico op agressie. Er is geen passende vrijwillige zorg mogelijk omdat betrokkene de zorg zonder verplicht kader zou weigeren.

De rechtbank wees de zorgmachtiging toe voor de duur van twaalf maanden en bepaalde dat de verplichte zorg bestaat uit het toedienen van medicatie, medische controles en beperkingen in de vrijheid van betrokkene. Andere gevraagde vormen van zorg werden afgewezen omdat er het afgelopen jaar geen incidenten waren die meer zorg noodzakelijk maakten. De toegewezen zorg is evenredig en gericht op stabilisatie en veiligheid.

De beschikking werd mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door rechter Tempel, met de mogelijkheid tot cassatie. De rechtbank benadrukte het belang van een kritische beoordeling van toekomstige verzoeken om onnodige belasting en onrust te voorkomen.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden met verplichte zorg in de vorm van medicatie, medische controles en vrijheidsbeperkingen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/444368 / FA RK 26-419
Datum uitspraak: 9 februari 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1961 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [woonplaats] ,
advocaat mr. J. van Rooijen uit Tilburg, waargenomen door mr. R.T.A.G. Keller.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 23 januari 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 9 februari 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door mr. R.T.A.G. Keller;
  • mevrouw [persoon 1] , casemanager.
1.3.
Tevens waren bij de mondelinge behandeling aanwezig, maar zijn niet gehoord:
  • de heer [persoon 2] , casemanager;
  • mevrouw [persoon 3] , begeleider [hulpverlening] .

2.Wat vaststaat

2.1.
De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 28 februari 2026.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene heeft naar voren gebracht dat hij neutraal staat tegenover het wel of niet verlenen van een zorgmachtiging. Eens in de twee weken krijgt betrokkene medicatie en dit vindt hij prima. Een eventuele opname is volgens betrokkene niet van toepassing.
4.2.
De casemanager verklaart dat betrokkene al lange tijd stabiel is en netjes naar de afspraken komt. Betrokkene is wisselend in zijn wens om medicatie af te bouwen. Ook lijkt hij wisselend in te stemmen met het nemen van medicatie. De zorgmachtiging lijkt hierin ook een motivatie voor het nakomen van de afspraken en het nemen van de medicatie. Een opname is bedoeld als vangnet wanneer het afbouwen van medicatie niet volgens wens verloopt. Voorts geeft de casemanager aan dat enkel de vormen van ernstig nadeel zoals in de geldende beschikking van toepassing zijn op betrokkene, hetgeen nu is vermeld in het verzoekschrift is niet van toepassing.
4.3.
De advocaat bepleit toewijzing van het verzoek voor de vormen van ernstig nadeel en verplichte zorg zoals die nu gelden in de huidige zorgmachtiging. Betrokkene is immers al langere tijd stabiel en leeft een rustig bestaan. Waar opname in een accommodatie bij de vorige zorgmachtiging al is afgewezen, omdat dit niet voorzienbaar was, geldt dit een jaar later des te meer. Betrokkene is eveneens akkoord met een verlenging van de zorgmachtiging.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, bipolaire-stemmingsstoornissen, overige dsm-5 stoornissen en/of andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige materiële schade, maatschappelijke teloorgang, het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag en gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen. De rechtbank neemt hierbij onder andere in aanmerking dat wanneer betrokkene decompenseert hij impulsief gedrag laat zien. Er is daarbij tevens een risico op agressie-incidenten zoals die in het verleden hebben plaatsgevonden. Momenteel vertoont betrokkene negatieve symptomen van een psychotische stoornis.
5.4.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.5.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene staat weliswaar neutraal tegenover de noodzakelijk geachte zorg, maar heeft ook aangegeven deze zorg te weigeren als er geen verplicht kader is. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.6.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten.
Daarbij weegt de rechtbank mee dat deze vormen van verplichte zorg ook bij de vorige zorgmachtiging zijn toegewezen en dat er zich het afgelopen jaar geen incidenten hebben voorgedaan die zouden kunnen maken dat meer vormen van verplichte zorg nu noodzakelijk zouden zijn. De andere vormen van verplichte zorg die verzocht waren, zullen dan ook worden afgewezen.
5.7.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
5.8.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van twaalf maanden.
5.9.
De rechtbank wijst er nog op dat het van belang is dat bij een eventueel nieuw/volgend verzoek tot verplichte zorg kritisch wordt gekeken naar de vormen van ernstig nadeel die genoemd worden en de vormen van verplichte zorg die verzocht worden. Er waren bij het huidige verzoek (zeer) veel vormen aangekruist, zonder dat dit nader gemotiveerd was. Dit levert mogelijk onrust op bij betrokkene, maar ook een onnodige belasting op de zitting, omdat al deze vormen van nadeel en verplichte zorg wel besproken moeten worden om tot een oordeel te komen.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1961 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.6 staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 9 februari 2027;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 9 februari 2026 door mr. Tempel, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 16 februari 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.