ECLI:NL:RBZWB:2026:1706
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Weigering IVA-uitkering wegens niet-duurzame arbeidsongeschiktheid Long Covid
Eiseres, werkgever van belanghebbende, maakt bezwaar tegen het besluit van het UWV om een loongerelateerde WIA-uitkering toe te kennen in plaats van een IVA-uitkering. Belanghebbende is volledig arbeidsongeschikt door Long Covid, maar het UWV stelt dat de beperkingen niet duurzaam zijn omdat verbetering binnen het eerste jaar mogelijk is.
De kern van het geschil betreft de toepassing en effectiviteit van de pacing-techniek als behandelwijze. Eiseres betoogt dat de beperkingen duurzaam zijn en dat de pacing-techniek onvoldoende is toegepast, terwijl het UWV stelt dat de techniek wel is toegepast door de bedrijfsarts en mogelijk ook door de fysiotherapeut, maar niet volledig is afgerond.
De rechtbank oordeelt dat pacing een erkende behandelmethode is en dat verbetering van de belastbaarheid niet is uitgesloten. Het voortijdig stoppen van de fysiotherapie betekent niet dat de behandeling niet succesvol kan zijn. Daarom is er een redelijke verwachting van herstel binnen het eerste jaar, waardoor geen duurzame beperkingen kunnen worden aangenomen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, het UWV heeft terecht de IVA-uitkering geweigerd en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter T. Peters op 17 maart 2026.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de IVA-uitkering bevestigd wegens niet-duurzame arbeidsongeschiktheid.