Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil in conventie en reconventie
4.De standpunten
5.De beoordeling in conventie en in reconventie
circa zes wekenzal kunnen starten. De voorzieningenrechter gaat er ook vanuit dat tot die tijd de maatschappelijk werkster van de vrouw ( [persoon] ) incidenteel beschikbaar zal blijven om de omgang enkele uren per week te begeleiden. Het is aan de man en de vrouw om daar in de komende weken met begrip voor elkaar en met oog voor het belang van [minderjarige] mee om te gaan. In afwachting van een meer op de situatie toegesneden regeling onder regie van Sterk Huis dient
tenminsteeen begeleid contactmoment van twee uur per week te worden gerealiseerd.
de door de man nog aanhangig te maken bodemprocedureeen onderzoek in te stellen ter beantwoording van de navolgende vragen:
6.De beslissing
voorlopigwordt toevertrouwd aan de man, met verlening van toestemming aan de man, die voor zo ver nodig, die van de vrouw vervangt, [minderjarige] ook (voorlopig) op zijn adres te doen inschrijven;
voorlopigrecht hebben op contact met elkaar:
11 augustus 2026 PRO FORMAbij de rechtbank dient te worden ingediend, zulks onder gelijktijdige verstrekking van een afschrift daarvan aan de raadslieden van partijen;