Uitspraak
1.De procedure
- de akte van Beveland Wonen;
- de akte van de bewindvoerder met productie.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De huurder had een huurachterstand bij verhuurder Beveland Wonen, waarvoor een betalingsregeling van € 200 per maand werd getroffen. De bewindvoerder, die het beheer over de goederen van de huurder voert, heeft de achterstand volledig voldaan en de huurovereenkomst opgezegd. Bij oplevering werd schade aan het gehuurde vastgesteld ter waarde van € 6.171,31, welke schadevergoeding onderdeel uitmaakt van de betalingsregeling.
Beveland Wonen vorderde betaling van deze schadevergoeding en wettelijke rente, met het oog op een executoriale titel mocht de regeling niet worden nagekomen. De bewindvoerder voerde verweer dat de regeling stipt wordt nagekomen en dat de vordering daarom niet opeisbaar is. De kantonrechter stelde vast dat de bewindvoerder de regeling tot en met november 2025 is nagekomen en dat er geen aanwijzingen zijn dat dit zal veranderen.
De rechtbank oordeelde dat de vordering niet opeisbaar is en wees deze af. Wel werd Beveland Wonen veroordeeld in de proceskosten van € 474,00, omdat zij in het ongelijk werd gesteld. De kosten van betekening van het vonnis kwamen niet voor vergoeding in aanmerking vanwege de toevoeging van de bewindvoerder.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen omdat de betalingsregeling wordt nagekomen.