Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het college van burgemeester en wethouders van Breda omdat het college niet tijdig heeft beslist op haar bezwaar tegen de weigering van een omgevingsvergunning. De rechtbank beoordeelt dit beroep als een klacht over het niet tijdig beslissen op het bezwaar.
De rechtbank stelt vast dat het college de beslistermijn heeft overschreden. Eiseres heeft het college op 3 december 2025 in gebreke gesteld en sindsdien zijn meer dan twee weken verstreken zonder besluit. Het beroep is daarom kennelijk gegrond.
Het college heeft aangegeven dat het besluit nog wacht op nadere informatie van eiseres, wat de rechtbank als een goede reden aanvaardt. Daarom krijgt het college een termijn van vier weken na verzending van de uitspraak om alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd met een maximum van €15.000 voor verdere overschrijding.
Daarnaast moet het college het griffierecht van €385 en proceskosten van €467 aan eiseres vergoeden. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 13 maart 2026 door rechter R.P. Broeders.