ECLI:NL:RBZWB:2026:1823

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
13 februari 2026
Publicatiedatum
16 maart 2026
Zaaknummer
C/02/444717 / FA RK 26-606
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Verschoor-Bergsma
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging voor betrokkene met borderline persoonlijkheidsstoornis en verstandelijke beperking

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 13 februari 2026 uitspraak gedaan in een rekestprocedure betreffende de verlenging van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1976, die lijdt aan een borderline persoonlijkheidsstoornis met emotieregulatieproblematiek, intermitterende psychotische episodes en een onderliggende verstandelijke beperking.

Betrokkene ontvangt momenteel zorg en begeleiding op een woonlocatie waar zij zich veilig voelt. De zorgmachtiging is noodzakelijk vanwege ernstig nadeel dat voortvloeit uit haar psychische stoornis, waaronder levensgevaar, ernstige psychische schade, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor de veiligheid van anderen. Betrokkene vertoont onvoorspelbaar en dreigend gedrag met escalaties in agressie en gevaarlijke situaties, waaronder brandstichting en bedreigingen.

De rechtbank oordeelt dat vrijwillige zorg onvoldoende is omdat betrokkene wisselend meewerkt en zich soms fors verzet tegen noodzakelijke zorg. Daarom is verplichte zorg nodig, waaronder medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen, toezicht, beperkingen in communicatie en opname in een accommodatie.

De rechtbank wijst de gevraagde zorgmachtiging toe voor de duur van twaalf maanden, waarbij de toegewezen maatregelen evenredig en effectief worden geacht. Minder bezwarende alternatieven zijn niet beschikbaar. De beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken, met mogelijkheid tot cassatie.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de zorgmachtiging voor betrokkene voor twaalf maanden met verplichte zorgmaatregelen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/444717 / FA RK 26-606
Datum uitspraak: 13 februari 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1976 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats 1] ,
thans verblijvende in [accommodatie] te [plaats 2] ,
advocaat mr. J.J. Bronsveld uit Bergen op Zoom.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 4 februari 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 13 februari 2026. Daarbij waren aanwezig:
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat, mr. Bronsveld;
  • mevrouw [persoon 1] , verpleegkundig specialist, behandelaar;
  • de heer [persoon 2] , bewindvoerder van betrokkene (via een telefonische verbinding op de speaker).

2.Wat vaststaat

2.1.
Door de rechtbank is aan betrokkene een zorgmachtiging verleend tot en met 18 maart 2026.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene geeft tijdens de zitting aan dat zij de zorgmachtiging nodig heeft omdat zij niet goed voor zichzelf kan zorgen. Zij voelt zich prettig op de plek waar zij nu woont en wil daar graag blijven. Zij krijgt hier goede begeleiding bij dagelijkse dingen, zoals koken, het maken van afspraken en het nemen van beslissingen. Betrokkene merkt dat het soms minder goed met haar gaat vooral als het te spannend of te veel wordt. In die momenten vindt zij het moeilijk om rustig te blijven. De begeleiding helpt haar dan om weer tot rust te komen. Betrokkene is blij met de zorg die zij nu krijgt en vindt het belangrijk dat deze kan doorgaan.
4.2.
De advocaat geeft tijdens de zitting aan dat het goed is dat betrokkene zich nu veilig voelt op haar woonplek. De afgelopen jaren is gezocht naar passende hulp en die lijkt nu gevonden. Het is volgens de advocaat belangrijk om vast te houden aan wat nu goed gaat. De advocaat kan zich daarom vinden in het verzoek om de zorgmachtiging te verlengen zodat betrokkene de zorg en begeleiding kan blijven krijgen die zij nodig heeft. Vanuit deze veilige basis kan later rustig worden gekeken naar een andere woonplek als dat mogelijk is.
4.3.
De behandelaar verklaart tijdens de zitting dat betrokkene kwetsbaar is en moeite heeft met omgaan met spanning en emoties. Als er te veel van haar wordt gevraagd, raakt zij sneller uit balans. De huidige woonplek biedt haar duidelijkheid, rust en veiligheid. De behandelaar vindt een zorgmachtiging nodig om ervoor te zorgen dat betrokkene haar medicatie blijft gebruiken en dat hier controle op kan zijn. Ook is toezicht nodig, bijvoorbeeld in de nacht, om te kunnen zien of het goed met haar gaat. Daarnaast zijn er afspraken nodig over het gebruik van de telefoon in de nacht zodat zij niet overprikkeld raakt. De zorgmachtiging is bedoeld als vangnet zodat er snel kan worden ingegrepen als het toch minder goed gaat met betrokkene.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank zal de gevraagde machtiging verlenen voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Bij betrokkene is namelijk sprake van een borderline persoonlijkheidsstoornis met emotieregulatieproblematiek en intermitterende psychotische episodes. Daarnaast is er sprake van een onderliggende verstandelijke beperking. Het ontbreekt betrokkene aan ziektebesef en ziekte-inzicht.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.4.
De rechtbank neemt hierbij in overweging dat betrokkene bij ontregeling onvoorspelbaar en dreigend gedrag vertoont dat kan escaleren in agressie en gevaarlijke situaties. In het verleden is er sprake geweest van brandstichting, vernielingen, het gooien van spullen en ernstige bedreigingen richting zorgpersoneel. Dit heeft geleid tot forse overlast en ontwrichting op de afdeling. Daarnaast laat betrokkene stalkend gedrag zien door herhaaldelijk contact te zoeken met begeleiding onder meer via e-mail en online, waarbij zij zich zelfs heeft voorgedaan als hulpverlener. Betrokkene is niet in staat zelfstandig in de dagelijkse zorg voor zichzelf te zorgen waardoor zelfverwaarlozing dreigt. Tijdens emotionele crisissen en woede-uitbarstingen bestaat risico op suïcidaliteit, ernstig lichamelijk letsel en schade of letsel bij anderen. Daarbij is betrokkene zeer kwetsbaar en gemakkelijk te beïnvloeden door personen met verkeerde bedoelingen.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.6.
Er zijn onvoldoende mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene toont zich wisselend ten aanzien van het accepteren van behandeling, medicatie en opname. Daarbij is er sprake van een precair evenwicht waarbij overvraging psychotische overschrijdingen kunnen oplaaien. Betrokkene verzet zich dan fors tegen de noodzakelijke zorg. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.7.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
5.8.
De overige door de officier verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de behandelaar tijdens de zitting gemotiveerd heeft verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.
5.9.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1976 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.7. staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met
13 februari 2027;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 februari 2026 door mr. Verschoor-Bergsma, rechter, in aanwezigheid van Van Dijke, griffier en op schrift gesteld op 19 februari 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.