ECLI:NL:RBZWB:2026:2037

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
4 maart 2026
Publicatiedatum
20 maart 2026
Zaaknummer
11895254 \ CV EXPL 25-3173 (E)
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Swaanen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:44 BWArt. 6:96 BWArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betalingsvordering en proceskosten in incassozaken tussen Bol.com en consument

In deze civiele bodemzaak vordert Bol.com betaling van een openstaand bedrag van € 454,84 van gedaagde, bestaande uit de hoofdsom, rente en incassokosten. Gedaagde erkent ontvangst van de goederen maar betwist de proceskosten op grond van een vermeende betalingsregeling.

De kantonrechter stelt vast dat gedaagde vier bestellingen heeft gedaan en de goederen heeft ontvangen, maar niet volledig heeft betaald. Hoewel gedaagde stelt dat hij een betalingsregeling van € 20 per maand is overeengekomen, heeft Bol.com dit betwist en een tegenvoorstel gedaan van € 50 per maand. Communicatieproblemen en onduidelijkheden over e-mailadressen en berichten leiden tot verwarring, maar er is geen bewijs dat Bol.com een betalingsregeling heeft geaccepteerd.

De rechtbank oordeelt dat Bol.com niet verplicht is een betalingsregeling te treffen en dat gedaagde daarom in de proceskosten wordt veroordeeld. De buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen op grond van de toepasselijke wettelijke bepalingen, rekening houdend met de reeds gedane betaling. De totale veroordeling bedraagt € 416,05 plus rente, € 38,79 aan incassokosten en € 473,28 aan proceskosten, uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom, rente, incassokosten en proceskosten wegens het niet nakomen van betalingsverplichtingen zonder geaccepteerde betalingsregeling.

Uitspraak

RECHTBANKZEELAND-WEST-BRABANT
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Bergen op Zoom
Zaaknummer: 11895254 \ CV EXPL 25-3173
Vonnis van 4 maart 2026
in de zaak van
BOL.COM B.V., (MEDE) HANDELEND ONDER DE NA(A)M(EN) BOL.COM, BOL. EN BOL,
te Amsterdam,
eisende partij,
hierna te noemen: Bol.com,
gemachtigde: GGN Brabant,
tegen
[gedaagde],
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
[gedaagde] heeft in augustus en september 2024 vier bestellingen verricht bij Bol.com voor een totaalbedrag van € 391,96. [gedaagde] heeft de bestelde goederen ontvangen.

3.Het geschil

3.1.
Bol.com vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 454,84, vermeerderd met rente en kosten. Dit bedrag bestaat uit € 391,96 aan hoofdsom, € 58,79 aan buitengerechtelijke incassokosten en € 24,09 aan wettelijke rente tot 8 september 2025. [gedaagde] heeft een bedrag van € 20,00 aan Bol.com betaald. Bol.com heeft dit bedrag van de vordering afgetrokken.
3.2.
[gedaagde] erkent dat hij de goederen heeft ontvangen, maar niet heeft betaald. [gedaagde] betwist dat hij proceskosten is verschuldigd, omdat [gedaagde] met Bol.com een betalingsregeling is overeengekomen.
3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
Aangezien [gedaagde] de vorderingen tot betaling van de hoofdsom en wettelijke rente tot 8 september 2025 niet heeft betwist zullen deze worden toegewezen, te vermeerderen met verdere rente.
4.2.
Met betrekking tot de proceskosten heeft [gedaagde] aangevoerd dat hij op 30 juni 2025 met de gemachtigde van Bol.com een betalingsregeling is overeengekomen van € 20,00 per maand met ingang van 30 juli 2025. Bol.com betwist dat zij hiermee akkoord is gegaan. Bol.com heeft namelijk op 1 juli 2025 via e-mail een tegenvoorstel gedaan van € 50,00 per maand. [gedaagde] heeft aangevoerd dat hij dit tegenvoorstel niet heeft ontvangen. [gedaagde] heeft vervolgens een nadere betalingsregeling voorgesteld, omdat hij na de eerste betaling van € 20,00 niet meer in staat was te betalen. Bol.com heeft daarover aangevoerd dat zij ook de nadere voorgestelde betalingsregeling niet heeft geaccepteerd en dit bij e-mailbericht heeft bevestigd. [gedaagde] heeft ook dit
e-mailbericht niet ontvangen, omdat Bol.com dit bericht naar een oud e-mailadres van [gedaagde] zou hebben verstuurd in plaats van het e-mailadres dat [gedaagde] heeft gebruikt bij zijn tweede afbetalingsvoorstel. Ook zou de inhoud van een e-mailbericht van 7 augustus 2025 van Bol.com tot verwarring hebben geleid bij [gedaagde] , omdat hij daardoor in de veronderstelling verkeerde dat zijn dossier zou worden stilgelegd indien hij een nieuw betalingsvoorstel zou indienen.
Ondanks het voorgaande blijkt uit de stukken niet dat Bol.com een betalingsvoorstel van [gedaagde] heeft geaccepteerd. De communicatie tussen Bol.com en [gedaagde] is jammer genoeg niet vlekkeloos verlopen, maar dat is geen reden om de gevorderde proceskosten af te wijzen. Bol.com is namelijk niet verplicht om een betalingsregeling te treffen. Bol.com heeft [gedaagde] dan ook niet ten onrechte gedagvaard. Dat betekent dat [gedaagde] als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten wordt veroordeeld.
4.3.
Bol.com vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW Pro en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). De kantonrechter stelt vast dat [gedaagde] een consument is (een natuurlijk persoon die niet heeft gehandeld in de uitoefening van een beroep of bedrijf). Daarom moet de kantonrechter controleren of is voldaan aan de dan geldende extra eisen voor de verschuldigdheid van buitengerechtelijke incassokosten. Bol.com heeft aan [gedaagde] een of meer aanmaningen gestuurd die voldoen aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW Pro. Daarnaast heeft [gedaagde] een betaling van € 20,00 verricht. Op grond van artikel 6:44 BW Pro dient deze betaling eerst in mindering te strekken van de kosten. Daarom zal een bedrag van € 38,79 aan buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen.
4.4.
De proceskosten van Bol.com worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
120,78
- griffierecht
135,00
- salaris gemachtigde
174,00
(2 punten × € 87,00)
- nakosten
43,50
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
473,28

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Bol.com te betalen een bedrag van € 416,05, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over € 391,96, met ingang van 8 september 2025, tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt [gedaagde] om aan Bol.com te betalen een bedrag van € 38,79 aan buitengerechtelijke kosten,
5.3.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 473,28, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Swaanen en in het openbaar uitgesproken op 4 maart 2026.