Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Jeugdbescherming Brabant,
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Brabant verzocht de kinderrechter om een schriftelijke aanwijzing aan de moeder te bekrachtigen, waarin zij verplicht werd maandelijks informatie over de minderjarige aan de vader te verstrekken. Tevens werd een dwangsom gevraagd voor het niet naleven van deze aanwijzing.
Tijdens de zitting gaf de minderjarige aan geen contact met de vader te willen, wat door de kinderrechter werd opgevat als een loyaliteitsconflict waarbij de minderjarige zich gedwongen voelt partij te kiezen voor de moeder. De moeder bevestigde dit standpunt, terwijl de vader zijn wens uitsprak om op de hoogte te blijven van de situatie van zijn kind.
De kinderrechter constateerde dat de ouders vasthouden aan hun eigen beleving en dat het bekrachtigen van de schriftelijke aanwijzing mogelijk averechts zou werken. Er werd een voorstel gedaan waarbij de vader op een laagdrempelige wijze contact kan zoeken via e-mail of WhatsApp met tussenkomst van de GI, en de moeder de minderjarige stimuleert om te reageren.
Gezien deze omstandigheden en het belang van de minderjarige wees de kinderrechter het verzoek tot bekrachtiging van de schriftelijke aanwijzing af. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek tot bekrachtiging van de schriftelijke aanwijzing aan de moeder wordt afgewezen vanwege het belang van de minderjarige en het loyaliteitsconflict.