ECLI:NL:RBZWB:2026:2076

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
18 februari 2026
Publicatiedatum
21 maart 2026
Zaaknummer
C/02/445053 / FA RK 26-803
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Verschoor-Bergsma
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel bij bipolaire-stemmingsstoornis met manisch gedrag

Betrokkene verblijft sinds 15 februari 2026 onder een crisismaatregel in een zorgaccommodatie, afgegeven door de burgemeester van Bergen op Zoom. De officier van justitie verzoekt de rechtbank om deze maatregel met drie weken te verlengen. Betrokkene en haar advocaat stellen dat zij klaar is om naar huis te gaan en dat opname alleen nodig is als het strikt noodzakelijk is. De psychiater benadrukt het manische beeld en het risico op ontregeling zonder medicatie, waarbij Olanzapine wordt aanbevolen, maar betrokkene hiertegen bezwaar heeft.

Tijdens de zitting met gesloten deuren zijn betrokkene, haar ouders en de psychiater gehoord. De psychiater stelt dat verplichte zorg noodzakelijk is, waaronder medicatietoediening, bewegingsbeperking, insluiting, toezicht en opname. De moeder ondersteunt het standpunt dat het nog te vroeg is voor ontslag vanwege de snelle opeenvolging van manische episodes.

De rechtbank concludeert dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door ernstige psychische schade, verwaarlozing en gevaar voor de veiligheid. Het gedrag van betrokkene is chaotisch en ontremd, met incoherent denken en gestoord realiteitsbesef. De crisis is zo ernstig dat een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht. De gevraagde vormen van verplichte zorg worden als noodzakelijk en proportioneel beoordeeld, terwijl andere vormen worden afgewezen wegens onvoldoende noodzaak.

De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel wordt verleend voor drie weken tot en met 11 maart 2026. De beschikking is mondeling gegeven op 18 februari 2026 en schriftelijk vastgelegd op 26 februari 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken met verplichte zorg.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/445053 / FA RK 26-803
Datum uitspraak: 18 februari 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1999 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats 1] ,
momenteel verblijvend bij [accommodatie] te [plaats 2] ,
advocaat mr. Z. Yeral uit Roosendaal.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt het volgende stuk mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 16 februari 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 18 februari 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
  • de heer [persoon 1] , psychiater en zorgverantwoordelijke;
  • mevrouw [persoon 2] , moeder van betrokkene.
Ook aanwezig, maar niet gehoord zijn:
- mevrouw [persoon 3] , verpleegkundig specialist in opleiding;
- de heer [persoon 4] , GZ-psycholoog in opleiding tot klinisch psycholoog;
- mevrouw [persoon 5] , verpleegkundige;
- de heer [betrokkene] , vader van betrokkene.

2.Wat vaststaat

2.1.
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in [accommodatie] . De burgemeester van Bergen op Zoom heeft de crisismaatregel op 15 februari 2026 afgegeven.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene heeft gesteld dat ze dertien jaar aan trauma achter de rug heeft en ze hiervoor een reiki behandeling heeft ondergaan. Deze behandeling heeft blokkades opgeheven en dit heeft ervoor gezorgd dat ze heel veel energie kreeg en weer emoties voelde. Deze emoties zijn jaren geblokkeerd geweest en het was dan ook zo heftig dat ze de controle is verloren, mede omdat ze te weinig slaap gehad heeft. Toen ze bij [accommodatie] binnenkwam zag ze dat het niet zo netjes was. Ze heeft er dan ook, samen met mede cliënten die zij hiertoe had aangespoord, voor gezorgd dat alles schoon en netjes is geworden. Ook is ze erg creatief en als ze eenmaal in een creatief proces zit, dan wil ze niet slapen. Betrokkene heeft gevraagd om Temazepam, zodat ze rustiger kan worden. Ze wil geen Olanzapine innemen, omdat ze hier agressief van wordt. Betrokkene is zichzelf inmiddels weer en is klaar om naar huis te gaan. Ze heeft haar regelmaat, structuur en stabiele thuissituatie nodig. Ze weet dat ze haar werk en studie even op een laag pitje moet zetten.
4.2.
De advocaat heeft gesteld dat betrokkene HBO-verpleegkunde studeert en als ze opgenomen moet blijven, is de kans groot dat ze studievertraging en dus haar houvast in het leven kwijtraakt. Ze wil graag naar huis en zal haar medicatie innemen. Bepaalde medicatie wil ze niet, maar dit kan ze ook goed onderbouwen. Betrokkene wil alleen opgenomen blijven als dit echt nodig is, maar er zijn nog mogelijkheden in de ambulante zorg. In het kader van de proportionaliteit moet het verzoek primair dan ook worden afgewezen. Subsidiair wordt verzocht de vormen van verplichte zorg toe te wijzen zoals de psychiater heeft gesteld, behalve het uitoefenen van toezicht, omdat dit niet voorzienbaar is en betrokkene op haar privacy is gesteld.
4.3.
De psychiater heeft gesteld dat het manische beeld bij betrokkene momenteel nog op de voorgrond staat. Een luxerende factor kan trauma of slaaptekort zijn. Betrokkene is eerder opgenomen geweest toen ze decompenseerde, maar vorige week leek het beter met betrokkene te gaan en is ze naar huis gegaan. Echter is ze daarna opnieuw gedecompenseerd. De psychiater zou Olanzapine voor willen schrijven, maar betrokkene staat hier niet voor open. Momenteel is betrokkene rustiger in contact dan gisteren. Mocht het verzoek worden toegewezen, dan wil de psychiater kijken hoe het de komende periode gaat met betrokkene zonder Olanzapine. De psychiater acht de kans groot dat betrokkene opnieuw ontregelt, omdat dit in de afgelopen weken ook gebeurd is. Mocht dit inderdaad gebeurden dan moet er onder dwang Olanzapine worden gestart. Als ze hierop, binnen de opnameafdeling, is gestabiliseerd kan er worden gekeken naar een andere vorm van medicatie. De bedoeling is om uiteindelijk toe te werken naar een thuisverblijf met IHT en daarna met het FACT. Momenteel is het echter nog te vroeg om over te gaan naar het ambulante kader. Voor wat betreft de vormen van verplichte zorg zijn alleen noodzakelijk het toedienen van medicatie, het beperken van de bewegingsvrijheid, insluiten, uitoefenen van toezicht op betrokkene en het opnemen in een accommodatie. De overige vormen kunnen worden afgewezen.
4.4.
Door de moeder is gesteld dat betrokkene bekend is met psychische problematiek. Ze heeft eerder ook een antipsychoticum genomen via [naam]. Inmiddels is betrokkene een stuk rustiger dan gisteren. Echter vindt de moeder het nog te vroeg voor betrokkene om naar huis te gaan, omdat in de afgelopen weken gebleken is dat de manies snel achter elkaar plaatsvinden.
5.
De beoordeling
5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.3.
Gebleken is dat er thuis sprake was van motorische onrust en slaapdeprivatie waarbij betrokkene haar huis overhoop heeft gehaald en een verwarde indruk maakte en op een chaotische manier aan het opruimen en schilderen was. De zelfzorg voor zichzelf en haar leefomgeving nam af; beschreven wordt dat haar kamer een ‘grote bende’ was met resten kwark op de grond en met op haar gezicht en kleding verf gesmeerd. Het lukt haar dan niet goed om haar tot rust te laten komen en haar te sturen in haar opruimgedrag. Ook op de afdeling heeft ze ontremd en chaotisch gedrag laten zien waarbij haar stemming wisselde. Ze was verhoogd associatief, zat onder andere in een ‘Sonic modus’ waardoor zij haar nagels blauw lakte, haar denken was incoherent en versneld van tempo waarbij er ook sprake was van een gestoord realiteitsbesef.
5.4.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk bipolaire-stemmingsstoornissen.
5.5.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.6.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- opnemen in een accommodatie.
5.7.
De overige door de officier verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de psychiater tijdens de mondelinge behandeling heeft verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.
5.8.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Ziektebesef is aanwezig, maar ziekte-inzicht is beperkt. Betrokkene wilde tijdens haar vrijwillige opname niet meer blijven en wilde naar huis, waarna ze opnieuw is gedecompenseerd.
5.9.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1999 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.6. staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met
11 maart 2026;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 18 februari 2026 door mr. Verschoor-Bergsma, rechter, in aanwezigheid van drs. Swint, griffier en op schrift gesteld op 26 februari 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.