ECLI:NL:RBZWB:2026:2101

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
20 februari 2026
Publicatiedatum
23 maart 2026
Zaaknummer
C/02/445207 / FA RK 26-885
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Van den Beld
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel wegens psychotische ontregeling en gevaar voor betrokkene en omgeving

Betrokkene verblijft onder een crisismaatregel in een gespecialiseerde accommodatie vanwege een ernstige psychotische ontregeling. De burgemeester van Tilburg gaf de crisismaatregel af op 18 februari 2026. De officier van justitie verzocht om verlenging van deze maatregel met verplichte zorg, waaronder medicatie, medische controles, bewegingsbeperkingen en opname.

Tijdens de zitting gaf betrokkene aan zich beter te voelen en geen medicatie te willen gebruiken, terwijl de afdelingsarts en verpleegkundige rapporteerden over aanhoudend seksueel ontremd en gedragsmatig problematisch gedrag. De medische deskundigen stelden dat zonder medicatie de toestand zal verslechteren en dat de crisismaatregel noodzakelijk blijft.

De rechtbank concludeerde dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door de psychotische stoornis, met risico op ernstige psychische en maatschappelijke schade. Minder ingrijpende alternatieven zijn niet beschikbaar. Daarom werd de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken verleend, met specifieke vormen van verplichte zorg, waarbij het gebruik van communicatiemiddelen niet wordt beperkt.

De beschikking is mondeling gegeven op 20 februari 2026 en schriftelijk op 26 februari 2026 vastgesteld. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken met verplichte zorgmaatregelen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/445207 / FA RK 26-885
Datum uitspraak: 20 februari 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats] ,
verblijvende in de accommodatie van [accommodatie] aan de [adres] ,
advocaat mr. J. van Rooijen uit Tilburg.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 19 februari 2026.
1.2.
De zitting heeft, met gesloten deuren, plaatsgevonden op 20 februari 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
  • dhr. [persoon 1] , leerling-verpleegkundige;
  • mevr. [persoon 2] , afdelingsarts.

2.Wat vaststaat

2.1.
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in [accommodatie] . De burgemeester van Tilburg heeft de crisismaatregel op 18 februari 2026 afgegeven.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken, met de volgende vormen van verplichte zorg:
- het toedienen van vocht en voeding;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene brengt, samengevat, het volgende naar voren. Het gaat goed met hem, hij voelt zich beter dan ooit. Hij neemt de medicijnen in, en is ook bezig met het zoeken van contact met anderen in plaats van zich thuis te isoleren. Wel geeft hij aan dat hij de medicatie eigenlijk niet hoeft te gebruiken. Hij vormt geen gevaar voor zichzelf of anderen. Nadat hij dit heeft aangegeven, verlaat hij de kamer. Hij laat weten dat zijn advocaat volledig gemachtigd is om namens hem te spreken.
4.2.
De afdelingsarts verklaart, samengevat, dat er sprake is van een psychotische ontregeling. Thuis dacht hij dat zijn vader een nepvader was en vermoedde hij dat zijn vader mensen had verkracht, waaronder buurtkinderen. Hij veroorzaakte veel overlast in de buurt omdat hij mensen wilde waarschuwen. Op de afdeling is hij rustiger, maar vertoont hij nog steeds seksueel ontremd gedrag, zoals het tonen van zijn geslachtsdeel aan medepatiënten en zorgpersoneel. Er is enige vooruitgang, maar nog niet voldoende. Als hij zijn medicatie niet gebruikt, zal zijn toestand verder verslechteren. Omdat hij zelf aangeeft de medicatie niet te willen slikken, is voortzetting van de crisismaatregel noodzakelijk.
4.3.
De verpleegkundige vult aan dat betrokkene goed in gesprek kan zijn, maar dat dit snel kan omslaan in afgeleid zijn, in de lucht staren en druk gedrag.
4.4.
De advocaat bepleit afwijzing van het verzoek. Betrokkene geeft aan dat er geen onmiddellijk dreigend ernstig nadeel is. Hij is van mening dat hij vrijwillig in contact kan zijn. Hij neemt zijn medicatie en wil contact onderhouden met zijn ambulante team, maar graag vanuit de thuissituatie. Betrokkene wil in overleg naar huis. De advocaat verzoekt namens betrokkene om het verzoek af te wijzen.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige immateriële schade;
- maatschappelijke teloorgang;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.3.
De rechtbank neemt daarbij het volgende in aanmerking. Er is sprake van een psychotische ontregeling, die zich uit in verbaal agressief en seksueel ontremd gedrag van betrokkene. Op de afdeling bonkt hij tegen deuren. Voor de opname toonde hij zijn geslachtsdeel op straat, was verbaal agressief tegenover zijn ouders en beschuldigde hen van seksueel misbruik.
5.4.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en disruptieve, impulsbeheersings- en andere gedragsstoornissen.
5.5.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht. Er is sprake van een psychotische ontregeling en betrokkene is nog niet stabiel.
5.6.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten;
- opnemen in een accommodatie.
5.6.1. ‘
‘Het toedienen van vocht en voeding’ en ‘het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen’, zal de rechtbank niet in de machtiging overnemen, omdat de behandelaar heeft verklaard dat dit voor betrokkene niet nodig is.
5.6.2.
Gelet op de overgelegde stukken en de zitting wordt onder de verplichte zorg ‘aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten’, verstaan dat betrokkene contact heeft met zijn ambulant behandelteam en hij de door hen gegeven aanwijzingen opvolgt. De rechtbank wijst deze vorm van verplichte zorg op deze wijze toe. Het beperken van het gebruik van communicatiemiddelen is niet nodig.
5.7.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Betrokkene geeft tijdens de zitting duidelijk aan dat hij naar huis wil en geen medicatie wil gebruiken. Een langer verblijf en het innemen van medicatie is echter noodzakelijk om ervoor te zorgen dat hij stabiliseert en te voorkomen dat zijn situatie verslechtert.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
5.9.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, voor de verzochte duur van drie weken.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de volgende maatregelen kunnen worden toegepast:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten;
- opnemen in een accommodatie.
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 maart 2026;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 20 februari 2026 door mr. Van den Beld, rechter, in aanwezigheid van mr. Van Krieken, griffier en op schrift gesteld op 26 februari 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.