ECLI:NL:RBZWB:2026:2209
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Beschikking
- Van der Burgt
- Rechtspraak.nl
Vaststelling loon vereffenaar en afwijzing vrijstelling neerleggen rekening en verantwoording
Verzoeker is benoemd tot vereffenaar van de nalatenschap van erflater en verzoekt de kantonrechter het loon voor zijn werkzaamheden vast te stellen en hem vrij te stellen van het neerleggen van een rekening en verantwoording en een uitdelingslijst.
De kantonrechter hanteert bij de loonvaststelling de Recofa-richtlijnen en beoordeelt de gespecificeerde urenverantwoording als reëel. De gevraagde loonvermeerdering met 10 uur voor afwikkeling erfbelasting wordt afgewezen omdat deze uren reeds in de opgave zijn verwerkt. Het vastgestelde loon bedraagt €40.714,44 exclusief btw, vermeerderd met 4% algemene kantoorkosten.
Hoewel verzoeker vrijstelling van het neerleggen van rekening en verantwoording vraagt, wijst de kantonrechter dit af omdat de wettelijke termijn voor het melden van schulden is verlengd tot 8 juli 2026 en verzoeker aangeeft dat alle crediteuren reeds zijn voldaan binnen deze termijn. Hierdoor bestaat geen verplichting tot neerlegging, maar ook geen grond voor vrijstelling.
De kantonrechter wijst verzoeker erop dat de rekening en verantwoording dient te geschieden aan de rechthebbenden op het overschot indien deze niet wordt neergelegd.
De beschikking wordt uitgesproken door kantonrechter Van der Burgt op 19 maart 2026.
Uitkomst: Het loon van de vereffenaar wordt vastgesteld op €40.714,44 exclusief btw en het verzoek tot vrijstelling van het neerleggen van rekening en verantwoording wordt afgewezen.