Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- mevrouw [persoon] , regiebehandelaar;
- de vader van betrokkene (via beeldbellen). Hij is echter niet gehoord.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 5 maart 2026 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1993, die lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en neurobiologische ontwikkelingsstoornissen. Betrokkene gaf aan het goed te gaan en stelde voor de machtiging te beperken tot zes maanden, met het oog op afbouw van medicatie en het verkrijgen van meer regie over zijn leven.
De behandelaar stelde dat betrokkene onvoldoende ziekte-inzicht heeft en dat recent een medicatiewijziging is doorgevoerd, waarvoor een stabiel beeld pas na ongeveer een jaar kan worden verwacht. De advocaat benadrukte dat betrokkene het onder depotmedicatie goed doet en vroeg om een beperking van de machtiging tot zes of maximaal negen maanden.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene ernstig nadeel ondervindt door zijn stoornis, waaronder psychische schade, verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor de veiligheid. Vrijwillige zorg is niet mogelijk vanwege wisselende acceptatie van medicatie. Verplichte zorg is noodzakelijk, waaronder medicatietoediening, medische controles en beperkingen in de vrijheid om contact met het FACT-team te waarborgen. Minder bezwarende alternatieven ontbreken. De machtiging wordt daarom verleend voor de duur van negen maanden, tot 5 december 2026.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor negen maanden aan betrokkene wegens ernstig nadeel en noodzaak van verplichte zorg.